Ep. 12: Einfach selbst Energieversorger werden – Florian Henle über Polarstern, Purpose und die Energiewende - Wirklich
Transcript
Opgeschoond op basis van een automatisch transcript. Vertalingen zijn automatisch gegenereerd en kunnen fouten bevatten.
Welkom bij de Smart Charge by RiDERgy Podcast. Dit is Claudio Geyken, oprichter en CEO van RiDERgy. Dit is uw show om alles te leren over energiebeheer en smart charging innovatie voor elektrische voertuigen en voertuigvloten.
Welkom bij een nieuw aflevering van Smart Charge. Vandaag neem ik u mee naar München, rechtstreeks naar het kantoor van een energieleverancier die veel anders doet: Polarstern. Ik ben op Florian Henle en zijn team gestoten toen ik op zoek was naar energieleveranciers in Duitsland die echt consequent duurzaam, innovatief en ondernemend denken. Wat ik heb gevonden, is een bedrijf dat niet alleen overtuigt met 100% groenestroom en groengas, maar ook een echte gebruiker van de energietransitie is – met huurderstrommodellen, waterstofprojecten en intelligente laadinfrastructuur. Florian is mede-oprichter en CEO van Polarstern.
In ons gesprek vertelt hij hoe hij samen met zijn vrouw het bedrijf heeft opgericht, waarom zij bewust hebben gekozen tegen VC-geld en Polarstern volledig bootstrap hebben opgebouwd, en waarom zij uiteindelijk zelf energieleverancier zijn geworden. Nu gaan we rechtstreeks het gesprek in, opgenomen ter plaatse in het Polarstern-kantoor in München. Oké, Florian, fijn dat we hier kunnen zijn en dat je me hier in het kantoor welkom kunt heten, hier midden in de stad München. Hoe gaat het vandaag met je? Goed, de zon schijnt, jij bent hier,
Claudio, dus het past. Super. Ja, zoals ik graag wil beginnen: kun je de luisteraars een beetje meenemen, wat is jouw achtergrond? Je mag best uitweiden, zoals je het graag wilt, voordat we echt aan de onderwerpen beginnen. Ja, ik zal kijken dat ik het mooi ter zake kom, want als mensen altijd zoveel over zichzelf praten, wordt het ook vaak erg, erg lang. Maar ja. Dus ik ben de oprichter van Polarstern. En ik ben ook gelukkige vader van drie
jongens, en dat al 15 jaar zowel de jongens als Polarstern. Dus mijn eerste zoon is tegelijkertijd met Polarstern ter wereld gekomen, in hetzelfde jaar – twee baby's tegelijk. Precies, twee baby's tegelijk. En beide ontwikkelen zich uitstekend, wat ook mooi is. Ja, en van mijn achtergrond misschien nog iets: ik ben bedrijfseconomist. Ik heb internationale bedrijfseconomie gestudeerd, in Cambridge en in Landshut, en was toen eerst in Zwitserland. Ik heb daar een cleantech-startup helpen opbouwen en
ben na acht jaar – een lange afstandsrelatie was op een gegeven moment genoeg – en het gezin stond op het spel. Toen ben ik naar München teruggekomen, waar mijn vrouw de hele tijd was. Kun je uit München? Ik ben niet uit München. Ik ben opgegroeid in het noorden van Beieren. Maar mijn vrouw was al veel jaren hier. Ik ben vele jaren heen en weer gependeld tussen Zwitserland en München, en op een gegeven moment was het genoeg. En ja, toen had ik de kans, via vrienden in deze oprichtingsenergieke-
Babel, zou je kunnen zeggen, hier in terecht te komen. Die is in München relatief sterk. Dat weet men niet zo. Er is een sterke startupscène en vooral een zeer energieintensieve startupscène. En ja, in essentie ben ik op die manier ook bij Polarstern terecht gekomen. Heb mijn medeoprichters leren kennen en alles wat volgt is geschiedenis. Interessant. En hoe was die eerste oprichting? Kun je daar nog iets meer over vertellen, hoe je daar bent terecht gekomen, voor de allereerste oprichting? Precies, daar in Zwitserland. Ja, ik was de eerste werknemer daar. Ik heb het bedrijf niet opgericht, ik was
de eerste werknemer. En we hebben high-performance smeermiddelen ontwikkeld op basis van heel speciaal zonnebloemolie, voor de industrie – hydraulische oliën die erg energieefficiënt zijn en ook biologisch afbreekbaar. Interessant. En hoe kwam je dan in de energiewereld? Wat heeft je geleid – het is eigenlijk een beetje verder weg, wel klimaat, maar de energiewereld. Waarom heb je je daarvoor gekozen? In feite had ik al altijd contact met de energiewereld, omdat we de hydraulische oliën enerzijds via de biologische afbreekbaarheid verkochten, maar ook via energiebesparing.
En we zijn echt in bedrijven gaan kijken en hebben bijvoorbeeld bij kunststofspuitgietmachines gemeten hoeveel energie die eigenlijk nodig hebben – met een minerale olie en dus met de HiC Sunflower, zo heet die olie. En zo ben ik echt veel dichter bij het inzicht gekomen: hoeveel energie heeft een bedrijf eigenlijk nodig, wat zijn daar veel kosten – en ben daar steeds een beetje dichter naar toe gekomen. Cool. Ja. En toen? Hoe kwam het toen tot het idee, uiteindelijk, Polarstern
als bedrijf? En nog een paar achtergrondverhalen daarbij. Ja, zeker. Dus Polarstern, zoals het vandaag is – dat was niet ons oorspronkelijke idee. Ons oorspronkelijke idee werd heel anders getriggerd. Dat kwam uit de gasmarkt. Omdat, als je – je kent groenegas wel. Ja. En net zo: iedereen kan groenestroom betrekken, relatief makkelijk. Maar het feit is dat van het energieverbruik van een privéhuishouding ongeveer 20% stroom is en 80% warmte, omdat we in de winter verwarmen, en dat is veel meer
dan wat we via de lampen of zoiets verbruiken. En er was, toen we 15 jaar geleden begonnen, geen fatsoenlijk product op de gasmarkt. Je kon weliswaar groenestroom betrekken – goed, dan kon je 20% van je verbruik eigenlijk duurzaam inrichten. Maar voor de rest moest je toch nog steeds aardgas betrekken. En daar hebben we de groenestroommarkt als blauwdruk genomen en hebben een gasproduct ontwikkeld, dus biogas-herkomstgaranties, en die hebben we door de TÜV laten certificeren. Deze biogas-herkomstgaranties wilden we aan andere energieleveranciers verkopen, net zoals
hoe het met stroomoorsprongcertificaten gaat. Helaas wilde niemand die hebben. Ze zeiden wel: Waarom? Ja, geweldig, eindelijk eens weer een echte innovatie op de gasmarkt. Maar dan zeiden ze ook: Wij gaan mee met de tijd, niet ervoor uit. En dan moet je nadenken. Als oprichter – je bent zelf ook oprichter – wat doe je daar nu mee? En wij zeiden: Oké, als anderen het niet willen hebben, goed dan, dan richten wij onze eigen energieleverancier op. En als wij gas
doen, wat voor de hand lag, dan doen wij natuurlijk stroom ook. En zo is Polarstern ontstaan. Ja, interessant. Ik heb ook al meerdere vergelijkbare verhalen in de energiewereld gehoord, waar oprichters hetzelfde probleem hadden. Ik geloof dat Octopus en anderen die je kent, dat hadden. Mobility House valt me ook nog in – zij die ook zeiden dat ze hun product aan de energieleveranciers probeerden te verkopen, en die wilden dat gewoon niet. Oké, dan doen wij het zelf. En was dat misschien nog
iets om aan toe te voegen? Nee, ik wilde vragen: Was dat al een moedige beslissing om de concurrentie in te gaan? En wat waren de mijlpalen? Hoe hebben jullie dan de eerste klanten kunnen overtuigen? Nou, eerst hebben we een website gebouwd. En toen zeiden we: Prima, nu is hij online, en dan staan er 10.000 klanten voor de deur. Dat was natuurlijk niet het geval. We waren net als de meeste oprichters – en hoewel ik het eigenlijk al wist, misschien toch aan het begin te erg productgericht.
Ik zeg: Hey, we willen het perfecte product hebben – en dan dachten we, dan verkoopt het zich vanzelf. En dat was natuurlijk niet zo. En daarom: ja, de eerste klanten – wie waren dat? Vrienden, familie. We hebben ze met moeite op straat geworven, deels hier in München, bij marketing. Ja, precies, dat hebben we inderdaad gedaan. Alles geprobeerd. Ken je die hogedrukreingers met sjablonen, als je zoiets in de grond freest? Dat hebben we allemaal gedaan. Alles wat je maar doet.
En stap voor stap kwamen dan inderdaad ook de klanten. En we hebben vroeg ingezet op een multichannel-benadering, heel online-gericht. In die tijd was dat nog innovatief – vanaf 2010. Ja, precies, 2011. Opgericht 2011. Uiteindelijk duurt het twee jaar voordat je een beetje voet aan grond krijgt. En toen waren er sociale media – Facebook was nog echt fancy. We hebben vanaf het begin heel direct klantcontact gezocht en doen dat tot vandaag nog. Dus onze klanten
en klanten – we zijn nog steeds erg toegankelijk. En daardoor zijn we erin geslaagd een sterke geloofwaardigheid op te bouwen. En nu worden we vooral door tevreden klanten aanbevolen, naast alle andere marketingmix die je als energieleverancier nodig hebt. En Polarstern – de naam. Wat is daar de achtergrond van? We hadden een paar criteria, en uiteindelijk kwam Polarstern eruit. Een criterium was: we wilden een Duitse naam. We wilden een naam die voor zichzelf spreekt en die niet zo generiek is, zoals bij veel startups het geval is. En toen was daar nog de wens: het zou misschien nog een associatie met het product moeten hebben.
en misschien zelfs met ons. En uiteindelijk is het ons, denk ik, gelukt – ik vind het een mooie naam. Het is duidelijk een Duitse naam, heeft een zekere herkenbaarheid. De poolster is de richtinggevende. We zijn veel in de bergen,
buiten veel onderweg. De poolster is het kompas aan de hemel, hij is richtinggevend. En dat is precies ons doel. Dus in die zin zit daar nog wat meer betekenis in, als je wilt. En een ster is natuurlijk ook energie. Ja, uiteindelijk. En daarom past het eigenlijk heel goed. Natuurlijk leggen mensen niet allemaal dezelfde betekenis erin – sommigen denken aan een modemerk of zoiets. Maar ik vind het nog steeds mooi. En de medeoprichters, die je dan – hoe vond je dat? Het is niet altijd makkelijk om iemand te
vinden die je vertrouwt en met wie je dan zo'n grote stap samen zet. Kun je daar ook een beetje over vertellen? Ja, eigenlijk werden we min of meer gekoppeld door een gemeenschappelijke vriend. En het was niet echt wat je een verkenningsmogelijkheid zou noemen – zo was het niet. Maar het heeft eigenlijk heel goed uitgepakt. En de eerste klanten heb je verteld. Hoe kijk je naar de markt, of hoe keek je destijds naar de markt om jezelf te onderscheiden? De energiemarkt – daar
zijn veel spelers. Wat waren dan de kernhypothesen waarmee je uiteindelijk succesvol werd? De mijlpalen aan het begin, en vooral de initiële hypothesen die zich toen ook op zekere wijze hebben bewaarheid. Nou, ik weet niet of de initiële hypothesen zich zo hebben bewaarheid – dat zou natuurlijk mooi zijn als het altijd zo lineair zou gaan. Maar ik denk dat wat zich echt als een rode draad doorheen trekt en wat eigenlijk – en dat is al
de kernhypothese – is: we wilden een merk opbouwen op de energiemarkt. Een duurzaam, geloofwaardig merk. En ik denk dat ons dat als Polarstern gelukt is. Duurzaam en geloofwaardig betekent dat je transparant moet zijn. Je kunt geen onzin verkopen. Je moet faire prijzen hebben. Je moet uitstekende klantenservice hebben. Je technologie moet functioneren. En je moet voor duidelijke waarden en duidelijke producten staan. Ik denk dat we in deze snijpunt zitten: we zijn echt duidelijk duurzaam – we doen alleen hernieuwbare energie, ook voor gas. Dat doet niemand anders. We
zijn nog steeds 100 % biogas op basis van reststoffen. We hebben 100 % groene stroom. Alles wat we doen, behalve in de mobiliteit of ook huurdersstroom, is altijd echt 100 % duurzaam, maar toch ook met een zekere technologische en richtinggevende ambitie. Begrepen. En de 100 % duurzaamheid – kun je daar misschien wat meer in detail over gaan? Je exploiteert ook installaties. Koop je die in? Hoe moet je je dat voorstellen? Beide, dus zoals de
meesten op de energiemarkt. Je hebt dan geen single sourcing, maar je diversificeert natuurlijk je portefeuille een beetje. Dus we produceren ondertussen bijna 15 % van de energie zelf, in eigen installaties. En verder kopen we onze stroom van windkracht, van pv-installaties, maar ook van waterkracht op de markt in. En de campagne – kun je daar misschien ook iets over zeggen, hoe dat te interpreteren is. Dat is dan waarschijnlijk wat je zojuist zei. Maar je ziet het overal
hier op het kantoor en nu op jouw t-shirt. Voor wie het niet kan zien – dat is het nadeel van de podcast, je hoort alleen maar. Dat is precies wat ik bedoelde met de merkidentiteit, met standpunt. Ik vind dat het belangrijk is voor een mens om standpunt te hebben, voor bepaalde dingen in te staan. Maar dat kun je net zo goed als bedrijf, als organisatie. En dat is echt onze houding. Onze visie en missie is om met energie
de wereld te veranderen. En dat bewust ook met deze dubbele betekenis. En wat we doen, is geen onzin, maar dat is echt – daarmee nemen we risico, dat is een standpunt. Dus onze producten heten ook zo: ze heten echt groene stroom, echt huurdersstroom, echt biogas. Dat betekent: hé, dat is het echte, het authentieke. En dat loopt echt door alles heen, en eigenlijk ook al vanaf het begin. Dat is
zeker al minstens 12 jaar oud of zo. Maar het werkt goed voor ons en is echt onderdeel van onze dna. En de anderen – hoe kijk jij op de markt? Ik ben inmiddels relatief lang enthousiast over de energietransitie, volg die sinds 2004 en dus ook de ontwikkelingen. Eerlijk gezegd moet je zeggen dat de meeste traditionele energiebedrijven zich aanvankelijk tegen de energietransitie hebben verzet. In ieder geval is dat mijn waarneming, dat die 5 % hernieuwbare energie al als onmogelijk werd gezien
door de traditionele spelers. En toen kwam op een gegeven moment in mijn waarneming ook de toezegging van de groten, en ineens waren ze allemaal groen. En hoe kijk jij daarop als je zegt dat jullie echt groen zijn – vergeleken met misschien de wat traditionelere spelers? Hoe zou je zeggen dat die niet echt groen zijn? Dat is zo – je kunt ook naar McDonald's gaan en een salade eten. Dat is eigenlijk het korte antwoord daarop. Niet echt groen is als ik nog steeds
fossiele energie in mijn portefeuille heb, want het hoeft niet. Het maakt misschien het een of ander iets makkelijker, dat klopt. Maar als ik het echt serieus meen, dan verkoop ik gewoon geen fossiele energie meer. En dat bijvoorbeeld – echt betekent ook als ik nu groene stroom aanbied, dat ik met elke kilowattuur die je van mij krijgt, ook hernieuwbare installaties stimuleer, zodat klanten weten: hé, ik verandering ook iets op de markt. Als ik nu bij Polarstern stroom betrek, dan
verander ik iets aan die volledige strommix, want die bouwen nieuwe installaties. Die garanderen mij dat. Die verdelen niet zomaar om. Dus zulke dingen – en bij Polarstern: met elke klant bouwen we ook micro-biogasinstallaties in Cambodja en pv-installaties in Madagaskar. Dat betekent dat dit energietransitie wereldwijd is. We brengen de energietransitie bij ons, we bouwen hier extra capaciteit, maar we bouwen het ook wereldwijd. En precies dat is het verschil met: ik koop ergens groene stroom van een of ander energiebedrijf of discounter, die soms aanwezig is
en soms niet, en die gewoon ergens goedkope certificaten koopt, maar verder niks aan de totale opwekking, aan de totale strommix verandert. Hoe kijk jij naar certificaten? Er zijn natuurlijk ook goedkope en goede. Kun je misschien ook het publiek, die zeker wel eens van certificaten hebben gehoord, maar misschien niet zo goed doorzien als jij, meenemen? Dus eigenlijk moet je zeggen: certificaten, ook herkomstverklaringen genoemd – dat is hetzelfde –, zijn extreem zinvol. Een certificaat op zich is niet slecht. Het thema is: wat doe je er dan mee? En waar komt het vandaan? Hoe is het opgewekt? En dat is natuurlijk in eerste instantie voor klanten lastig om
onderscheid te maken of te begrijpen. Wat is goed, wat is slecht? Heel eenvoudig: een certificaat is eigenlijk een nauwkeurigheid van de naleving, uiteindelijk om te laten zien: hé, waar komt die stroom vandaan, uit welke installatie komt het? Als het een goed certificaat is, weet ik precies uit welke installatie de stroom komt. Dan kan de leverancier je ook zeggen: hé, let op, we betrekken bijvoorbeeld hier waterkracht van het kraftwerk Wasserburg aan de Inn – zo zou het bij ons zijn. Kan ik je aantonen. Kan ik
je laten zien, als je ergens iets slechts koopt, dan is het niet zo makkelijk aan te tonen. Dan weten de leveranciers het ook soms helemaal niet. Dus dat is het eerste punt. En als je nog wat zeker wilt zijn, dan kijk je: hé, is dat bedrijf gecertificeerd? Bijvoorbeeld bij het Grüner-Strom-Label. Interessant. En wat is jouw visie? Dus we zijn nu in Duitsland op 60 % hernieuwbare. Hoe bereiken we 100 %? En heb je daar ideeën over hoe we daar komen?
duurzaam uit te voeren.
Ach, weet u. We voeren altijd deze discussies. En het was ook wat u eerder vroeg met de energieleveranciers. Die weigeren zich. We voeren altijd discussies: is dat mogelijk of is wat niet mogelijk? Feit is: we hebben alles wat we nodig hebben. We hebben de technologieën. We weten hoe het werkt. Ja, ook een 100% hernieuwbare wereld is mogelijk. Ook al zeggen anderen dat dit niet het geval is. Ja, we moeten iets veranderen. De mens steekt altijd zoveel energie in het behoud van het bestaande,
en eigenlijk daarin om zich niet te hoeven veranderen. We zijn zo veranderingsresistent. Dat is verschrikkelijk. En ja, totdat we nieuwe technologieën, innovaties of zoiets gaan toepassen – verschrikkelijk. Maar dat is een ander onderwerp. Feit is: we hebben alles wat we nodig hebben. We moeten het alleen willen. Ja. Het energiesysteem zal niet hetzelfde zijn. We zullen niet grote installaties hebben die simpelweg produceren, in het net storten en klaar. Nee, we zullen momenten hebben – dat weet men – waarbij we veel te veel stroom
produceren, en momenten waarop we stroom nodig hebben omdat we weinig produceren – namelijk concreet bij de zonnepanelen: wanneer de zon schijnt, produceren ze. Wanneer de zon niet schijnt, is er geen stroom. Dat betekent dat het gehele systeem flexibeler moet worden. En dat kost ook geld. Dus moet men zich echt in de spiegel kijken en zeggen: ja, we moeten hier geld in handen nemen om ons energiesysteem te veranderen. Maar wat? En daar houdt de discussie op. Maar de discussie moet in
mijn ogen veel verder gaan. Die moet namelijk luiden: wat hebben we daar dan van? We praten altijd alleen maar over wat dat spul kost, maar niet: wat hebben we ervan? Verschrikkelijk, wie het ook is. En dat irriteert me. En als ik daar nog punten mag maken: wat hebben we als samenleving ervan? We praten hierover. We hebben allereerst schone energie. Niet slecht, als men misschien kinderen wil hebben en die wellicht ook nog kleinkinderen willen hebben. En als men het voor de planeet
een beetje na het hart ligt. Maar het kan natuurlijk zijn dat het mensen misschien niet zo na het hart ligt. Ook oké – ik vind het vreselijk. Maar we hebben hier vrijheid van meningsuiting. Maar het tweede punt is, en ik vind dat het veel te kort komt: we worden strategisch onafhankelijker. Waar kopen we onze spullen nu in? Die fossiele stof komt van buiten. Die komt meestal uit landen die eerder autoritair worden bestuurd. Dat zijn miljarden die voortdurend voor consumptie naar het buitenland gaan. En wat
we nu moeten doen: we moeten die miljarden in handen nemen, om ze niet voor consumptie, maar voor investeringen in te zetten. En wel hier bij ons. Investeringen. We worden onafhankelijker van het buitenland, strategisch onafhankelijker. We besparen ons op lange termijn – als ondernemer kijk je niet alleen wat iets je op korte termijn kost, maar je kijkt overall. Dat betekent dat we een energiesysteem zullen hebben dat uiteindelijk goedkoper is dan nu. Maar daarvoor moeten we eerst geld in handen nemen. Uiteindelijk hebben we een schoon
systeem dat onafhankelijker is. We zijn strategisch veel beter gepositioneerd en besparen ons ook nog geld. Totaal logisch. En welke rol wil Polarstern spelen in dit nieuwe energiesysteem, waar flexibiliteiten vooral een grote rol spelen – batterijen, vraagzijde die gestuurd zou moeten worden, en misschien ook nog andere dingen? Exact zoals u het gezegd hebt. We spelen deze rol al. We hebben installaties – bijvoorbeeld we bedrijven een elektrolyseur in Esslingen. En deze elektrolyseur produceert met hernieuwbare stroom, dus met fotovoltaïsche energie en windkracht ter plaatse, groene waterstof. Die
wordt in het gasnet ingevoerd, verdringt daar aardgas, en de restwarmte die we daar produceren, gebruiken we om een wijk te verwarmen. Dus dat is al energietransitie par excellence. En de elektrolyseur draait trouwens ook – zoals vandaag, wanneer de zon zo schijnt en we negatieve elektriciteitsprijzen hebben – dan gebruikt hij namelijk het overschutstroom om waterstof te produceren, en dat is niets anders dan stroom opslaan. Dat betekent dat alles mogelijk is. We doen het. En onze rol is vooral precies dat aan te tonen, dat
het mogelijk is. We doen deze huurdersstroom, waarbij we PV-installaties met warmtepompen, met batterijopslagsystemen, met laadinfrastructuur voor elektrische voertuigen koppelen en bedrijven en zo'n energiesysteem gewoon optimaliseren. Dat is in het kleine – Polarstern is, als u het zo wilt zeggen, een boetiek. We zijn specialisten. Ja, maar hé, als we dat kunnen, dan kunnen grote bedrijven dat zeker. Ja. Hoe kijkt u aan tegen deze grote hoeveelheden batterijopslag die nu aangevraagd zijn voor netaansluitvermogens van – ik geloof – meer dan 200 GW inmiddels? Dus, als ze allemaal komen, is het zieke gebeurd. Dan hebben we precies
de flexibiliteiten. Ik geloof niet dat ze allemaal zullen komen, omdat we daar eigenlijk niet zoveel van nodig hebben, uiteindelijk. Maar het toont aan: als men duidelijke randvoorwaarden geeft, als men de markt duidelijke lijnen geeft, dan vinden we ook oplossingen. En daarom kijk ik daar eigenlijk eerder positief tegen aan, in het algemeen vanuit het energiewirtschaftlich perspectief. Ze moeten natuurlijk op de juiste plekken gebouwd worden, maar dat zal de Bundesnetzagentur wel voor elkaar krijgen, of de distributienetbeheerders uiteindelijk. Maar in het algemeen kijk ik daar eerder positief tegen aan. En spelen jullie
dan ook zo'n rol? Of willen jullie een rol spelen in die richting? Batterijopslagfaciliteiten exploiteren. Wij exploiteren batterijopslagfaciliteiten, maar geen grote opslagfaciliteiten. We werken eerder kleinschalig. We zitten echt in de objecten. Bij bijvoorbeeld huuropbrengsten zijn het altijd gebouwen met meerdere partijen van 20 tot 500 partijen, zoiets. Dat zijn zo onze doelgroepen. Of in commerciële oplossingen: het commerciële bedrijf dat een zonne-installatie heeft met laadinfrastructuur en commerciële opslag. Dat zijn onze – we zitten bij de eindklant. Onze kerngroep zijn eindklanten: privé, commerciële, industriële eindklanten, en niet het residentiële segment.
In het residentiële segment werken we met tarieven, maar niet met infrastructuur. Residentieel betekent voor mij het eengezinshuis, waar heel veel mensen op afstormen. We zitten eerder in het ingewikkelder terrein. In die gebouwen met meerdere partijen zijn meetconcepten ingewikkelder. Dat is ons sterke punt. Daar zijn we goed in. Vastgoedbestand, nieuwbouw van onroerend goed, commercieel onroerend goed – dat is ons sterke punt. En daar hebben we ook zonnestelsels, batterijopslagfaciliteiten – al deze systemen combineren we voor deze doelgroepen. Klopt. Warmtepompen, blokwarmteopwekkingsinstallaties. Technologisch kunnen we daar eigenlijk alles –
alles standaard. Ja, begrepen. En dynamische elektriciteittarieven komen inderdaad steeds meer. Vanaf 1 januari dit jaar waren ze eigenlijk verplicht voor Duitsland. Het komt uit de EU – het Clean Energy Package heeft dat ook gedefinieerd. En het is ook heel logisch dat de eindgebruiker dan ook iets heeft als de elektriciteitskosten goedkoop zijn in het kwartier. Als het goedkoop is, is er veel groenestroom. Hoe kijk jij naar dit onderwerp? Ook erg positief. Wij hebben
natuurlijk al vorig jaar dynamische tarieven in ons aanbod gehad, ook met slimme meter en zonder slimme meter, zodat echt iedereen zijn dynamische tarief kan hebben. Ik vind het zeker positief. De mensen moeten het wel begrijpen – en dat is eigenlijk de grootste uitdaging. Technologisch is het opgelost. Maar dit begrip: "Hey, ik kan nu mijn wasmachine aanzetten, daar is de stroom goedkoper" – en dat zo gemakkelijk mogelijk doen, dat is belangrijk. En dat je erbij blijft. Ik heb
natuurlijk zelf een dynamisch elektriciteitstarief thuis. En zelfs ik stel het bij mezelf vast: In het begin heel erg leuk, je kijkt de hele tijd erin. En op een gegeven moment verlies je het. Energie is eigenlijk een commodity, lage interesse zeg maar. De fascinatie neemt dan inderdaad met de tijd af. En dan moet je erbij blijven en de mensen ook steeds weer motiveren. En speelt kunstmatige intelligentie al een rol bij jullie? Dat staat eigenlijk op iedereen's agenda, zeker sinds ChatGPT.
Het korte antwoord is: ja, het speelt een rol. We gebruiken het intern en extern. Eigenlijk hebben we onze eigen chatbots om onze kennis in code vast te leggen en ons hele team te ondersteunen. Maar er zijn natuurlijk ook nog mogelijkheden voor uitbreiding. We proberen het zo in te zetten dat we de voordelen – namelijk de gemakkelijke kennistoegang en personalisatie – benutten, om ons werk gemakkelijker te maken, zodat we dan nog meer tijd echt in
de persoon-tot-persoon-personalisatie met klanten hebben. Dat heeft helemaal zin. En je noemde in het begin dat Polarstern een Duits woord is. Betekent dat dat jullie je willen beperken tot de Duitstalige regio, of hoe moet je dat begrijpen? En hebben jullie internationaliseringsdoelstellingen? Eigenlijk hebben we bij de oprichting waarschijnlijk een strategische fout gemaakt, omdat we de focus nog steeds op de Duitse markt hebben. Misschien zou de DACH-regio werken – Duitsland, Oostenrijk, Zwitserland – en
hebben momenteel geen plannen voor internationale expansie. We werken al internationaal, doordat we met onze partners microbiogas-installaties in Cambodja bouwen of in Madagaskar de Solar-Impact-Sites met zonne-installaties, waar we microgrids bouwen. Dat doen we. Maar dat is niet ons kernbedrijf. Waarom niet? De Duitse energiemarkt is heel – als je echt als leverancier optreedt en niet als softwareleverancier of zo – die is nog steeds zelfs in de EU heel gefragmenteerd. Van het ene land
naar het andere land heb je andere regelgeving enzovoort. De Duitse energiemarkt is simpelweg nog groot genoeg voor ons om hier eerst voet aan de grond te krijgen. Er zijn zulke spelers in de energiebusiness die erg groot zijn geworden en snel schaalbaar zijn, vooral in verschillende landen, zoals Octopus Energy. Er zijn niet zoveel innovatieve energieleverancier-startups in Duitsland. Zou jij niet de ambitie hebben om ook sneller te schalen? Hoe kun je je ook je oprichtersverhaal voorstellen, wat de
Wat financiering betreft: In het startupgebied zijn er venture capitals. En hoe hebben jullie jezelf tot nu toe gefinancierd? Ik denk dat dat het wezenlijke verschil is. Er zijn zulke echte exit-bam-bam-bam-fasen. Ehm, daarbij hoort – wat jij zei, hoort daar ook bij. Maar dat is niet onze aanpak. Mijn aanpak – dus onze aanpak – is echt vrij te zijn, onafhankelijk te zijn en ook te doen wat we zinvol achten. En jullie zijn ook onafhankelijk. We zijn onafhankelijk. Ik ben samen met mijn vrouw
meerderheidsaandeelhouder. We hebben het samen ook opgebouwd, dus niet ik alleen. Interessant, met je vrouw. Ja, interessant. En zij treedt niet zoveel in de openbaarheid, niet zo graag. Maar daarin zit net zoveel passie en know-how van haar als van mij. Maar nee, we wilden eigenlijk – we hebben ons bewust aan het begin voor de bootstrap-optie gekozen, geen VC-geld erin te halen. We hadden de aanbiedingen op tafel liggen, maar echt ons eigen ding te doen.
En daarom zijn we een beetje langzamer gegroeid en doen we niet dit Bam-Bam-Bam. Maar de impact kan net zo goed zijn. Je hoeft niet te zeggen: ik heb het grootste stuk van de taart. Ik laat eerst zien dat er überhaupt een mooi stuk is, dat lekker smaakt. En dat is min of meer onze rol – richtinggevend te zijn, te laten zien: hé, dat werkt. En als anderen dan volgen, is dat super. Ja, ik vind ook dat IKEA me daar recent erg heeft geïnspireerd. Daar had ik een
beetje naar "Acquired" geluisterd. Misschien ken je die podcastserie – die is ook erg goed over het onderwerp ondernemer zijn. En daar hadden ze het IKEA-verhaal ook uitgebreid. En die had ook geen vreemde financiering – eigenlijk, ik geloof dat hij echt maar een heel klein bedrag vreemde kapitaal van de bank heeft gekregen – en toen heeft hij geschaald tot wat IKEA nu is. Natuurlijk heeft het tijd gekost, maar het gaat zeker ook, bedrijven opbouwen, zonder dat je Bam-
Bam-Bam doet, zoals je zegt. Even daarover, want ik heb daar persoonlijk ook echt over nagedacht, met mijn partner iets samen te doen – er zijn behoorlijk wat verhalen waar mensen dat doen. Hoe kijk je daar tegenaan? Misschien heb je ook tips voor degenen die dat nu overwegen, hoe het kan slagen en hoe je extra moeilijkheden kan overwinnen – zeg maar deze gezamenlijke oprichting. Ja, ik geloof dat er geen standaardantwoord op is. Als je nu
naar de mensen vraagt, zouden sommigen zeggen: nee, dat gaat helemaal niet. Omdat we allemaal met onze vooroordelen erin gaan. Ik vind het megavet. Ik vind het echt super, met alle moeilijkheden erbij. Maar ik vind dat de voordelen echt enorm opwegen. Allereerst dit gedeelde begrip hebben – een partner thuis hebben met wie je op gelijke voet kan spreken. Dat is gewoon heel verrijkend. Mij trekt het ook aan om te laten zien dat het – dit hé, dat heeft ook met
gelijkheid te maken – dat het überhaupt werkt. Mijn vrouw is een absoluut fantastische sparringpartner. Ik geloof dat we daar wederzijds erg goed kunnen spreken. En er zijn veel voorbeelden van succes. Ik bedoel, Jeff Bezos heeft ook jarenlang met zijn vrouw Amazon opgebouwd. Dat hij nu gescheiden is, hoeft niet per se de reden te zijn. Maar het bedrijf staat uiteindelijk heel goed. Er zijn veel meer positieve voorbeelden dan je op het eerste gezicht denkt. Natuurlijk moet je dan kijken – ik bedoel,
we hebben ook kinderen –, dat we thuis niet alleen over het bedrijf praten. En dat je een duidelijke lijn hebt – of eigenlijk, dat krijg je nooit helemaal voor elkaar –, maar desalniettemin genoeg zelfbewustzijn hebt om ook weer wat afstand te krijgen. Daarom zou ik zeggen: het werkt. Wees open en eerlijk, dat moet echt op gelijke voet zijn. En dan vind ik het extreem verrijkend. En nog even terug naar het oprichtershisverhaal tot nu toe: wat zeg je – wat waren de mijlpalen in het
bedrijf – lowlights zowel als highlights? Ach god, dat is altijd... Een highlight is natuurlijk überhaupt om te beginnen. Voor mij was altijd een highlight – of een doel – dan ooit break-even te bereiken. Ik was toen ongeveer 45 jaar, rond die leeftijd. De eerste keer break-even – dat voelt geweldig. Ja, maar dat is een punt: aan het begin is tijd altijd je grootste vijand. Als iets langer duurt – wow, voelt het meteen als een existentiële bedreiging. En dat is toch vreselijk.
Ja, omdat – sorry – niets is planbaar. Of: geen plan is gegarandeerd, laten we het zo zeggen. Plannen is alles mogelijk. Dat wil zeggen dat dingen altijd langer duren, en je bent altijd veel te optimistisch – dat moeten wij als oprichters zijn, we moeten een zekere optimisme hebben, anders begin je er helemaal niet aan. Maar dat betekent dat dingen langer duren. En als dat uiteindelijk geen echt groot probleem meer is, omdat het toch werkt – dan duurt het langer, maar het werkt toch. Dat vond ik
– dat vind ik – dit break-even-ding, dat voelt echt goed. Dat heeft me echt veel stress opgeleverd. En toen hadden we – we hadden aan het begin een investor, een strategische investor, geen VC, uit hernieuwbare projectontwikkeling. En dat paste gewoon niet. Hij bracht zijn inleg niet, en we hebben dan – we waren echt dicht bij, ja, we zaten eigenlijk meer dan met onze achterste boven de afgrond. En dan hebben we uiteindelijk gezegd: hé,
let even op: als we het in twee maanden voor elkaar krijgen iemand te vinden die je uitkoopt, dan krijg je je aandelen op dezelfde voorwaarden terug als waarop je bent ingestapt. En als niet, krijgen we de jouwe. En ja, omdat het gewoon niet meer ging. Dat was zo'n patstelling. Dat is ons toen gelukt, uiteraard. En dat was bijvoorbeeld zo'n lowlight. Ja, die zijn er. Ja, kan ik me goed voorstellen. En over het onderwerp e-mobiliteit – Smart Charge heet de podcast ook. Hoe kijk je daar tegenaan?
En vooral ook in de commerciële context: welke rol speelt Polarstern daar, maar hoe is het onderwerp e-mobiliteit in het algemeen? Dus ik ben persoonlijk totaal overtuigd van e-mobiliteit, omdat het gewoon heel fijn rijden is. Het is dynamisch en tegelijk rustig rijden. Iedereen die nog geen elektrische auto gereden heeft, moet het gewoon eens uitproberen. En dan is het inderdaad ook een zeer toekomstgerichte technologie – niet alleen nu ecologisch gezien. Maar ik denk dat de zaak eigenlijk al beslecht is. Dat
weet je. De één zegt dat hij er in gelooft of niet. Maar ook de batterij als technologie is allerminst klaar met ontwikkeling. De verbrandingsmotor is zo klaar – daar zijn nuances waar we nog innovatiesprangen kunnen maken. Bij batterijen hebben we er nog veel. Het begint natuurlijk met de grondstoffen, die deels nog kritisch zijn. Maar er zijn nu al technologieën met batterijen of celchemie waar weinig of geen kobalt meer in zit, enzovoort. Dus geen kritische
kritische grondstoffen meer. Batterijen kunnen worden gerecycled – ze worden niet zomaar verbrand. Batterijen zijn, wat de hele energiedichtheid, weerbaarheid, kathode, anode betreft, nog allerminst klaar met ontwikkeling. We beginnen er net aan. En als je bedenkt hoe de ontwikkelingssprongen in de afgelopen jaren exponentieel waren: 1.000 kilometer bereik zou nu ook geen thema meer zijn. Het is nog een beetje duur, maar batterijen worden goedkoper. Dus al die nadelen die graag zo naar voren worden gebracht
– waar worden ze gebouwd, het bereik is niet genoeg, in de winter kunnen ze niets – daar is nog niet in alles het klaargemaakte, echt serierijpe megaproduct op de markt. Maar het is overal al voorzienbaar. En we hebben helaas een beetje de technologische trein gemist. Als je kijkt wat BYD, CATL en anderen in China doen, welke batterijen ze nu hebben gepresenteerd – je zult dat zeker volgen. Dat is krankzinnig. En dat zijn geen proefserien, dat zijn
echte massaproductie. En dat zijn batterijen met 800, 1.000 kilometer bereik, absolute robuustheid. Dat is echt indrukwekkend. Ja, totaal. En Polarstern nog als aanvulling: sorry, ik zat zo in de technologie. Ik wil eigenlijk alleen maar zeggen: het zet zich door. Misschien duurt het iets langer, omdat de weerstandskrachten groter zijn dan gedacht. Maar uiteindelijk zet het zich niet door uit ideologische context, maar uit technologische. Dat is naar mijn mening mijn overtuiging. En daarom gaan we ook naar
de mobiliteitmarkt. We exploiteren – we zijn CPO, Chargepoint Operator. Dat wil zeggen, we exploiteren laadinfrastructuur in appartementsgebouwen, ondergrondse garages, maar ook in commerciële vloten. We waren de eersten die ook variabele tarieven voor elektrische auto's hebben aangeboden. We zijn niet zo bekend, maar redelijk goed gepositioneerd in de gehele laadinfrastructuur, vooral niet-openbaar. Laadpuntoperateur – we werken ook openbaar. Zie je ons ergens? In welke steden kun je ons zien? Ja,
dat zijn bijvoorbeeld in Berlijn. Maar we zijn niet bij de gemeentelijke laadpunten – dat doen meestal de leveranciers. Ook hier in München hebben de stadwerken nog een monopolie; we hebben nu ook aan een aanbesteding deelgenomen. Maar de openbare laadpunten zijn op privéterrein, maar openbaar toegankelijk – bij bedrijven bijvoorbeeld, dus half-openbaar zeg maar. Ja, precies. Interessant. En hoe kijk jij tegen het onderwerp stadwerken aan? We zijn in Duitsland nog bekend omdat we zoveel
distributienetwerken hebben die door de stadwerken worden beheerd, en de stadwerken staan dan ook in concurrentie met jullie. De mensen lijken de stadwerken erg trouw te zijn, hoewel ze ook de reputatie hebben niet de innovatiefste te zijn. Hoe komt dat? En zal dat veranderen? Ook daar kun je niet over één kam scheren. Er zijn totaal innovatieve stadwerken, en er zijn er die zijn totaal traag. En het heeft ook helemaal niets met de grootte te maken, maar eerder met de
bedrijfscultuur. Ik vind het stadwerk echt een goed verhaal – inderdaad ook waar het vandaan komt –, omdat het ook de mogelijkheid heeft idealiter in gemeentelijke handen te zijn. En ik denk dat de stadwerken hun bestaansrecht behouden, omdat ze erg geloofwaardig zijn, voor de klanten erg benaderbaar, erg trouw, erg tastbaar. Daarom ben ik een kleine, geheime fan van innovatieve stadwerken. Niet van de zelfpromoters – dat heeft zin. En nog even terug naar e-mobiliteit: hoe kijk jij
naar het thema intelligent laden en vooral dan ook bidirectioneel laden met grootste verwachting en spanning. Ik denk dat het een absoluut game changer wordt in de totale markt, maar ook voor ons, als het echt nu eenmaal wordt toegestaan. Stel je voor, ik ben in een appartementsgebouw. Ik exploiteer daar een pv-installatie. Ik bedien andere afnemers, dus een warmtepomp. Ik heb klanten in het hele gebouw en misschien laadinfrastructuur daar beneden en kan die batterijen – dat is dan echt een grote batterij –, als
daar 10 auto's staan, heb je al meteen een MW, of hoe dan ook, bij 15 in ieder geval een MW staan. En die zou ik kunnen gebruiken om de energievoorziening van het gebouw te optimaliseren. Dat zou natuurlijk geweldig zijn. Technologisch is het mogelijk, regelgeving nu nog niet. Maar ik ben goed gezind. In Frankrijk is het al mogelijk dat ook wij ons openen. En daar let ik op. Ik geloof dat dit een megageval wordt voor de energiemarkt. Ja, en het onderwerp – dus, er zijn binnen dat, laten we zeggen, wat men
intelligent laden noemt, daar zijn de verschillende aspecten. En sommige zijn vandaag al uitvoerbaar, beperkt, als men een slimme meter zou hebben of als de meter ook past. Dus alleen dit niet bidirectionele, maar alleen in één richting zeg maar, gewoon de belasting verschuiven – is dat al vandaag een thema voor jullie? Ja, dat doen we ook al, inderdaad. Maar niet bij het laden. We doen het bijvoorbeeld bij warmtepompen. Daar heb je ook zekere speelruimte, zekere flexibiliteit, wanneer nu de bufferopslag
gevuld wordt bijvoorbeeld. En dus ja, voor ons is het een onderwerp, en we bezighouden ons ermee. En ik ben blij als het ook in het algemeen nog meer mogelijk is. Er is het onderwerp Duitsland versus de wereld, of een beetje internationale vergelijkingen: Duitsland wordt van buitenaf door velen bewonderd en door velen ook bekritiseerd voor de energietransitie en hoe die plaatsvindt. U zit daar al lange tijd middenin. Hoe kijkt u tegen het onderwerp aan, hoe Duitsland de energietransitie aanpakt, en in
het bijzonder in vergelijking internationaal? De energietransitie is zoals veel van wat we in Duitsland hebben uitgevonden, absoluut baanbrekend, waarschijnlijk technologisch of ook zo wereldveranderend.
Maar we hebben het verklungeld, er ook echt iets mee te doen. We hebben op de een of andere manier ons eigen succes naar mijn mening een beetje verstikt. Het heeft niet alleen voordelen. Het kost geld, we moeten de systemen ombouwen, en we kunnen niet zomaar doorgaan zoals tot nu toe. Dat klopt allemaal. Maar we hebben het werkelijk voor elkaar gekregen om die negatieve connotatie mee te nemen, alleen het zware en negatieve te zien. En ook de technologische voorsprong die we hadden – of het nu was bij opslagsystemen, vroeger bij
zonnepanelen –, te vergooi. Elektrische auto's: BMW met de i was er al vroeg bij en is vandaag de dag nog steeds niet slecht. Maar we zijn ingehaald. Daarom – de energietransitie, geloof ik, is wereldwijd een exportartikel. Niet één op één als blauwdruk, maar als idee, als inspiratie en als manier van werken. Dat zien we al wereldwijd. En daar hadden we toch ook een enorme kans gehad om ook onze tweede auto-industrie op te bouwen, en we hebben het een beetje verklungeld, nog eens. En er zijn
een aantal redenen in Duitsland, u bent er een van. En ook in de energiebranche is het een klein beetje minder. U hebt ook daarnet al een beetje aangeduid, Duitsland zou een beetje innovatiever kunnen zijn. Wat zou – wat geeft u elke dag moed? En wat, als u zegt, moet u strijden tegen deze neiging om de status quo te behouden en niet zo open te staan voor het nieuwe, zoals misschien andere culturen? Ik zou ook zeggen dat er culturen zijn die een beetje meer open zijn. Wat geeft u moed
elke dag om op te staan? En wat maakt u optimistisch dat we in Duitsland op het pad van innovatie weer gaan winnen? Wij zijn – ik heb ook echte lange jaren in het buitenland gewoond. En wat ons remt, maakt ons ook weer sterk. We zijn ergens kritische geesten, maar we denken ook graag mee. Deels dan weer te kritisch. En dan zien we natuurlijk de problemen die er
zouden kunnen zijn. Maar dat heeft ook een grote kracht. En daarom geloof ik dat we alle mogelijkheden hebben – of het nu financieel is, of vanuit het bedrijfsleven, onderwijs nog altijd. We hebben ook nog steeds een geweldige gemeenschap in Duitsland, ook een redelijk sociaal samenzijn. Ik geloof daarom dat we alle mogelijkheden hebben, en als het moet, onszelf aan onze haren uit het moeras trekken. We hebben alleen een klein beetje een schop nodig. En ik hoop dat we
die krijgen, voordat we met volle kracht met onze neus tegen de muur moeten rijden, maar misschien daarvoor de afslag krijgen. Ik geloof dat we hier al veel echt goed bespreken. En daarom geloof ik volmondig dat we het gaan redden. En als we hier nu een kans laten liggen, ja, dan zullen we de volgende creëren en hopelijk het ding ook eens voor elkaar krijgen. Ja. En als u naar de komende vijf tot tien jaar kijkt – wat zijn trends en
dingen die u bezighouden, waar u denkt: wow, dat zou nu ook nog een gamechanger kunnen zijn? U hebt er maar één genoemd met bidirectionaal laden. Maar misschien zijn er ook andere dingen die u ergens bezighouden – op de energiemarkt, of het nu energie is, maar ook misschien andere dwarsdoorsnedetechnologieën die eraan komen, zoals AI of zo. Ja goed, maar dat ja. Dus daar zou ik.
Ik ben daar ook niet slimmer dan wie dan ook, ik kook ook maar met water. Daarom: nee, ik heb ergens niet de geheime formule liggen en heb thuis niet geïnvesteerd. Helemaal niet. Maar het zal zeker – bij AI ben ik 1000% overtuigd dat het onze hele arbeiderswereld, niet alleen de energiemarkt, volledig op zijn kop zal zetten. Ik ben iemand die daar positief in geloooft. Ik geloof dat het enorme kansen heeft. En natuurlijk: alles wat krachtig is zoals een medicijn, kan enorm veel genezen.
Maar te veel ervan of verkeerd toegepast, is het ook extreem schadelijk. En net zo is het natuurlijk ook met AI. Dat wil zeggen dat we een fatsoenlijke regelgeving nodig hebben. Wat betekent dat? Ik weet niet precies wat het betekent. Ik kan alleen zeggen: genoeg speelruimte om innovaties toe te laten en ze ook echt te mogen gebruiken. En daarbij genoeg duidelijke lijnen – waarschijnlijk zo stijf in de basiswaarden, een paar stevige richtingaanwijzers, maar daarna veel vrijheid. Dat is geloof ik enorm innovatiebevorderend. En ik geloof dat dat
het allergrootste is. Dat zal zich door alles heen trekken. En ziet u zichzelf in de toekomst nog langer in de energiebranche en ook met Polarstern? Hebt u daar nog veel voor? Of hebt u voor jezelf ook al eens bepaald dat het iets anders zou kunnen zijn? Geen idee. Ik geloof wel dat ik – nee, ik heb geen exit-gedachten of zo. Ik heb zin. Mijn ding maakt me plezier. Ik ga er met vreugde mee om. En u vroeg: Wat is er nodig? Wat geeft u hoop? Ik
ik geloof dat je een intrinsiek vuur nodig hebt. En ik zie niet dat dat op enig moment afneemt – eerder het tegendeel. En daarom geloof ik dat ik nog langer zal blijven. Geweldig. En voor oprichters, vooral voor degenen die misschien in een moeilijke fase zitten, of die nu nadenken: nu zou ik kunnen oprichten, of zou ik moeten oprichten? Wat zouden jouw tips zijn om met moeilijke fases om te gaan of of je moet oprichten? Misschien heb je daar een paar bemoedigende gedachten. Ik vind dat je het moet doen waar je echt zin in hebt.
En dat dan ook echt met heel je hart en heel je verstand aanpakken. En of dat oprichting is – als het oprichting is, ja, dan moet je het proberen. Hé, wat kan er nou gebeuren? Dan klikt het niet – en? Dan kun je altijd nog iets anders doen. Je kunt misschien een tweede, derde keer proberen en dan ook iets anders doen. Maar stel het niet te lang uit, probeer het gewoon. En heb ergens een gezonde dosis naïviteit en optimisme. Maar maak
je ook niks wijs. Ja, ik vind dat willen en kunnen echt bij elkaar moeten passen. Alleen willen is niet genoeg. En alleen kunnen ook niet. Je hebt dat innerlijke vuur nodig. Je hebt de overtuiging nodig. En het werkt nooit meteen goed van het begin af aan – die rechtlijnige route, de hockeystick, die is er niet echt. Dat betekent dat je je eigen vuur moet hebben, omdat je van buiten meestal niet krijgt, ook niet om het vol te houden, ook door de droge periodes. Maar alleen volhouden en
geloven en hopen – dat helpt niet. Je moet je werk echt goed kunnen doen. Daar zie ik juist ook parallellen met gebruikers van de energietransitie, degenen die de energietransitie ook in bedrijven en het ambacht moeten implementeren, met wie jullie dan te maken hebben. Daar zou je eigenlijk soortgelijke aspecten zien: kunnen, geloven, je moet je voorbereiden en kritisch vragen stellen en het goed doorrekenen. Precies zo is het. En dan gaat het ook op. Je moet dus – en je moet ook willen,
omdat het leven bestaat nu eenmaal uit tegenstand en niet alleen uit meewind. Ja. Dan, voordat we afscheid nemen: Heb je misschien nog laatste woorden of ook een tip voor de luisteraars, hoe ze je het best kunnen bereiken of wat je hun graag mee wilt geven? Laatste woorden – hopelijk niet, dat zou nog een beetje vroeg zijn. Maar ik vind dat wat ik daarvoor bedoelde: standvastig blijven. Ja, voor je overtuigingen uitkomen. En in geval van twijfel ook tegen tegenstand –
vind ik dat een belangrijke eigenschap. En die heb je nodig – we spreken vanuit het oprichtingsperspectief – die heb je gewoon nodig. En daarom: probeer het gewoon. Cool. En hoe kan men je nog bereiken of je volgen? Ben je actief op LinkedIn, of hoe kan men het best met jullie in contact blijven? Met Polarstern: www.polarstern-energie.de – dat is in ieder geval het eerste adres. En verder ben ik natuurlijk ook op LinkedIn onder Florian Henle te vinden. Dan, Florian, in die zin: Hartelijk dank
voor het gesprek. Dank je wel, Claudio. Wat een verhaal. In ons gesprek met Florian Henle hebben we niet alleen geleerd hoe Polarstern ontstaan is, maar ook hoeveel persoonlijke houding en duidelijkheid in elke stap zit. Samen met zijn vrouw heeft Florian niet alleen een gezin gesticht, maar ook een bedrijf dat tot op vandaag onafhankelijk is gebleven, omdat ze van het begin af aan hun eigen ding wilden doen. Vooral inspirerend voor mij was hoe Florian met tegenslag omging en erin slaagde om winstgevend te worden, en hoe innovatief zij
opereren – of het nu gaat om een elektrolyzer voor groene waterstof, intelligente huurstrommodellen of CPO-oplossingen voor commerciële laadinfrastructuur. Polarstern laat zien: je kunt impact creëren zonder compromissen te sluiten bij je maatschappelijk doel. En misschien is dat de belangrijkste impuls uit deze aflevering: als de anderen niet meedoen, dan doe je het gewoon zelf. Als jullie de aflevering leuk hebben gevonden, abonneer je op Smart Charge by RiDERgy, beveel ons door en bezoek polarstern-energie.de of op LinkedIn bij Florian Henle. Dank je wel voor het luisteren. Tot de volgende aflevering.
Welcome to the Smart Charge by RiDERgy Podcast. This is Claudio Geyken, Founder and CEO of RiDERgy. This is your show to learn about all things energy management and smart charging innovation for electric vehicles and fleets.
Willkommen zu einer neuen Folge von Smart Charge. Heute nehme ich euch mit nach München, mitten ins Büro eines Energieversorgers, der vieles anders macht: Polarstern. Ich bin auf Florian Henle und sein Team gestoßen, als ich auf der Suche war nach Energieversorgern in Deutschland, die wirklich konsequent nachhaltig, innovativ und unternehmerisch denken. Was ich gefunden habe, ist ein Unternehmen, das nicht nur mit 100 % Ökostrom und Ökogas überzeugt, sondern auch ein echter Anwender der Energiewende ist – mit Mieterstrommodellen, Wasserstoffprojekten und intelligenter Ladeinfrastruktur. Florian ist Mitgründer und CEO von Polarstern.
In unserem Gespräch erzählt er, wie er mit seiner Frau gemeinsam gegründet hat, warum sie sich bewusst gegen VC-Geld entschieden und Polarstern komplett bootstrapped aufgebaut haben, und warum sie am Ende einfach selbst Energieversorger geworden sind. Jetzt aber direkt rein ins Gespräch, aufgenommen vor Ort im Polarstern-Büro in München. Okay, Florian, schön, dass wir hier sein können und dass du mich hier im Büro willkommen heißen kannst, hier mitten in der Stadt München. Wie geht's dir heute? Gut, die Sonne scheint, du bist hier,
Claudio, also passt. Super. Ja, wie ich immer gerne anfangen will: Kannst du die Zuhörer ein bisschen abholen, was dein Hintergrund so ist? Du kannst gerne ausholen, wie du es gerne haben willst, bevor wir so richtig in die Themen einsteigen. Ja, ich schau mal, dass ich es schön auf den Punkt bekomme, weil wenn Leute immer so viel von sich selber reden, wird es auch oft sehr, sehr lang. Aber ja. Also ich bin der Gründer von Polarstern. Und ich bin auch glücklicher Vater von drei
Jungs, und das sowohl die Jungs als auch Polarstern seit 15 Jahren. Also mein erster Sohn ist gleichzeitig mit Polarstern auf die Welt gekommen, im gleichen Jahr – zwei Babys auf einmal. Genau, zwei Babys auf einmal. Und beide entwickeln sich hervorragend, was auch schön ist. Ja, und vom Hintergrund vielleicht noch so ein bisschen: Ich bin Betriebswirt. Ich habe internationale BWL studiert, in Cambridge und in Landshut, und war dann erst in der Schweiz. Ich habe dort ein Cleantech-Startup mit aufgebaut und
bin dann nach acht Jahren – Fernbeziehung war es auch mal genug – und die Familie stand an. Da bin ich nach München zurückgekommen, da war meine Frau die ganze Zeit. Du bist Münchner auch? Ich bin nicht Münchner. Ich bin im Norden von Bayern aufgewachsen. Aber meine Frau war schon viele Jahre hier. Ich bin viele Jahre zwischen der Schweiz und München gependelt, und irgendwann war es dann genug. Und ja, dann hatte ich die Chance, hier über Freunde in diesen Gründungsenergie-
Babel, kann man sagen, hier reinzukommen. Der ist in München relativ stark. Das weiß man nicht so. Es gibt eine starke Gründerszene und vor allem eine sehr energielastige Gründerszene. Und ja, so im Wesentlichen kam ich dann auch zu Polarstern. Hab meine Mitgründer kennengelernt und alles andere ist Geschichte. Interessant. Und wie war das, die erste Gründung? Kannst du da noch ein bisschen ausholen, wie du dazu gekommen bist, vor der allerersten Gründung? Genau, da in der Schweiz. Ja, da war ich der erste Mitarbeiter. Das Unternehmen habe ich nicht gegründet, da war ich
der erste Mitarbeiter. Und wir haben Hochleistungsschmierstoffe auf Basis von ganz speziellem Sonnenblumenöl entwickelt, für die Industrie – Hydrauliköle, die sehr energieeffizient sind und auch biologisch abbaubar. Interessant. Und wie kamst du dann zur Energiewelt? Was hat dich da sozusagen den Weg geführt – das ist ja ein bisschen weiter weg, zwar Klima, aber die Energiewelt. Wieso hast du dich dafür entschieden? Tatsächlich hatte ich da schon immer Kontakt zur Energiewelt, weil wir haben die Hydrauliköle auf der einen Seite über die biologische Abbaubarkeit verkauft, aber auch über die Energieeinsparung.
Und wir sind da wirklich zu den Unternehmen reingegangen und haben zum Beispiel bei Kunststoffspritzgussmaschinen gemessen, wie viel Energie die tatsächlich brauchen – mit einem mineralischen Öl und eben mit dem HiC Sunflower, so heißt das Öl. Und so kam ich wirklich schon viel näher ran an: wie viel Energie braucht überhaupt ein Unternehmen, was für krasse Kosten da sind – und kam da immer so ein bisschen näher ran. Cool. Ja. Und dann? Wie kam es dann zur Idee, letztendlich, Polarstern
als Firma? Und da noch mal so ein paar Hintergrundgeschichten. Ja, klar. Also Polarstern, wie es heute dasteht – das war nicht unsere Gründungsidee. Unsere Gründungsidee war ganz anders getriggert. Die kam aus dem Gasmarkt. Weil, wenn du – du kennst ja Ökostrom. Ja. Und genauso: Ökostrom kann jeder beziehen, relativ easy. Aber Fakt ist, dass vom Energieverbrauch eines privaten Haushalts etwa 20 % Strom sind und 80 % Wärme, weil im Winter heizen wir, und es ist viel mehr
als wir über die Lampen oder sowas verbrauchen. Und es gab, als wir vor 15 Jahren angefangen haben, kein vernünftiges Produkt im Gasmarkt. Du konntest zwar Ökostrom beziehen – gut, da konntest du 20 % deines Verbrauchs irgendwie nachhaltig gestalten. Aber für den Rest musstest du nach wie vor Erdgas beziehen. Und da haben wir uns den Ökostrommarkt als Blaupause genommen und haben ein Gasprodukt entwickelt, also Biogas-Herkunftsnachweise, und das haben wir vom TÜV zertifizieren lassen. Diese Biogas-Herkunftsnachweise wollten wir an andere Energieversorger verkaufen, genauso
wie es mit Strom-Herkunftsnachweisen geschieht. Dummerweise wollte die keiner haben. Die haben zwar gesagt: Wieso? Ja, super, erst seit langem mal wieder eine echte Innovation hier im Gasmarkt. Aber dann hieß es genauso auch: Wir gehen mit der Zeit und nicht vor der Zeit. Und da musst du halt überlegen. Als Gründer – ich mein, du bist ja selber Gründer – was machst du jetzt damit? Und wir haben halt gesagt: Okay, wenn es die anderen nicht haben wollen, na gut, dann gründen wir unseren eigenen Versorger. Und wenn wir Gas
machen, was auf der Hand lag, machen wir natürlich Strom genauso mit. Und so ist Polarstern entstanden. Ja, interessant. Da habe ich auch schon mehrere ähnliche Geschichten in der Energiewelt gehört, wo Gründer dann das gleiche Problem haben. Ich glaube, Octopus oder andere, die man so kennt, hatten das. Also Mobility House fällt mir auch noch ein – die, die auch meinten, sie haben versucht, ihr Produkt an die Energieversorger zu verkaufen, und irgendwie wollten die das nicht. Okay, dann machen wir es halt selbst. Und war das ja vielleicht noch
was zu ergänzen? Nee, ich wollte fragen: War das schon eine mutige Entscheidung, in den Wettbewerb zu gehen? Und wie waren da die Meilensteine? Wie habt ihr dann die ersten Kunden überzeugen können? Also, erst mal haben wir eine Website gebaut. Und dann haben wir gesagt: So, jetzt ist sie online, und dann rennen uns 10.000 Kunden die Bude ein. Dem war natürlich nicht so. Also wir waren da auch so wie die meisten Gründer – und obwohl ich es ja schon wusste, trotzdem vielleicht am Anfang zu sehr produktfokussiert.
Ich sage: Hey, wir wollen das perfekte Produkt haben – und dachten, dann verkauft sich das schon. Und dem war natürlich nicht so. Und deswegen: ja, die ersten Kunden – wer war das? Freunde, Familie. Wir haben sie mühsam auf der Straße, teilweise sogar hier in München, beim Marketing akquiriert. Ja, genau, das haben wir tatsächlich auch gemacht. Alles probiert. Kennst du diese Hochdruckreiniger mit den Schablonen, wenn du sowas auf dem Boden fräst? Das alles haben wir gemacht. Alles, was man so mal mitmacht.
Und Stück für Stück kamen dann schon tatsächlich auch die Kunden. Und wir haben frühzeitig auf einen Multichannel-Ansatz gesetzt, sehr online-lastig. Damals war das noch innovativ – von 2010. Ja, genau, 2011. Gegründet 2011. Schlussendlich zwei Jahre dauert es, bis du so ein bisschen Fuß fasst. Und da waren soziale Medien – Facebook war noch echt fancy. Wir haben von Anfang an sehr direkten Kundenkontakt gesucht und machen das bis heute noch so. Also unsere Kundinnen
und Kunden – wir sind noch immer sehr greifbar. Und dadurch ist es uns auch gelungen, eine starke Glaubwürdigkeit aufzubauen. Und jetzt werden wir vor allem von zufriedenen Kunden weiterempfohlen, neben dem ganzen anderen Marketing-Mix, den man so als Energieversorger braucht. Und Polarstern – der Name. Was ist da der Hintergrund? Wir haben ein paar Kriterien gehabt, und dann ist schlussendlich Polarstern rausgekommen. Ein Kriterium war: Wir wollten einen deutschen Namen. Wir wollten einen Namen, der für sich spricht und der nicht so generisch ist, wie es oft bei den ganzen Startups ist. Und dann war da noch der Anspruch: Es sollte vielleicht noch eine Assoziation mit dem Produkt haben
und vielleicht sogar mit uns. Und schlussendlich ist es uns, glaube ich, gelungen – ich finde, es ist ein schöner Name. Es ist offensichtlich ein deutscher Name, hat einen gewissen Wiedererkennungswert. Der Polarstern ist der Richtungsweisende. Wir sind viel in den Bergen,
outdoor unterwegs. Der Polarstern ist der Kompass am Himmel, er ist richtungsweisend. Und das ist genauso unser Anspruch. Also insofern steckt da noch ein bisschen mehr Sinn dahinter, wenn man möchte. Und ein Stern ist ja auch Energie. Ja, schlussendlich. Und deswegen passt es eigentlich ganz gut. Natürlich interpretieren die Leute nicht das Gleiche hinein – manche denken an eine Modemarke oder so was. Aber ich finde es nach wie vor schön. Und die Mitgründer, die du dann – wie fandest du das? Es ist ja nicht immer trivial, jemanden zu
finden, dem man vertraut und mit dem man dann so einen großen Schritt zusammengeht. Kannst du da auch ein bisschen erzählen? Ja, tatsächlich wurden wir mehr oder weniger verkuppelt von einem gemeinsamen Freund. Und das war dann auch kein Beschnuppern – so war es nicht. Aber es hat dann tatsächlich ganz gut geklappt. Und die ersten Kunden hast du erzählt. Wie schaust du denn auf den Markt, oder wie hast du damals auf den Markt geschaut, um dich zu differenzieren? Der Energiemarkt – da
gibt's ja viele Player. Was waren denn die Kernhypothesen, mit denen du dann letztendlich erfolgreich wurdest? Die Meilensteine am Anfang, und vor allem die Anfangshypothesen, die sich dann auch in gewisser Weise bewahrheitet haben. Naja, ich weiß nicht, ob die Anfangshypothesen sich so bewahrheiten – das wäre natürlich schön, wenn es immer so linear wäre. Aber ich glaube, was sich wirklich wie ein roter Faden durchzieht und was eigentlich – und das ist schon
die Kernhypothese – ist: Wir wollten eine Marke aufbauen im Energiemarkt. Eine nachhaltige, glaubwürdige Marke. Und ich glaube, das ist uns als Polarstern gelungen. Nachhaltig und glaubwürdig heißt, du musst transparent sein. Du kannst keinen Blödsinn verkaufen. Du musst faire Preise haben. Du musst einen hervorragenden Kundenservice haben. Deine Technologie muss funktionieren. Und du musst für klare Werte und klare Produkte stehen. Ich glaube, wir sind in dieser Schnittmenge: Wir sind wirklich klar nachhaltig – wir machen ausschließlich Erneuerbare, auch beim Gas. Das macht sonst keiner. Wir
sind nach wie vor 100 % Ökogas auf Basis von Reststoffen. Wir haben 100 % Ökostrom. Alles, was wir machen, außer in der Mobilität oder auch Mieterstrom, ist immer wirklich 100 % nachhaltig, aber trotzdem auch mit einem gewissen technologischen und richtungsweisenden Anspruch. Verstehe. Und die 100 % Nachhaltigkeit – vielleicht kannst du da ein bisschen mehr ins Detail gehen. Ihr betreibt ja auch Anlagen. Kauft ihr die ein? Wie kann man sich das vorstellen? Sowohl als auch, also wie die
meisten im Energiemarkt. Du hast dann kein Single Sourcing, sondern diversifizierst natürlich dein Portfolio ein bisschen. Also wir produzieren mittlerweile fast 15 % der Energie selbst, in eigenen Anlagen. Und ansonsten kaufen wir aus Windkraft, aus PV-Anlagen, aber auch aus Wasserkraft unseren Strom am Markt ein. Und die Kampagne – vielleicht kannst du auch da ergänzen, wie das zu interpretieren ist. Das ist dann wahrscheinlich das, was du gerade gesagt hast. Aber man sieht die überall
hier im Büro und jetzt bei dir auf dem T-Shirt. Für die, die es nicht sehen können – das ist der Nachteil beim Podcast, man hört nur. Das ist genau das, was ich meinte mit dem Markenkern, mit Haltung. Ich finde, als Mensch ist es wichtig, Haltung zu haben, für gewisse Dinge zu stehen. Aber das kannst du genauso auch als Firma, als Unternehmen. Und das ist wirklich unsere Haltung. Unsere Vision und Mission ist, mit Energie
die Welt zu verändern. Und das bewusst auch mit diesem Doppeldeutigen. Und das, was wir machen, ist halt kein Bullshit, sondern das ist wirklich – da lehnen wir uns aus dem Fenster, das ist eine Haltung. Also unsere Produkte heißen ja auch so: Die heißen wirklich Ökostrom, wirklich Mieterstrom, wirklich Ökogas. Das heißt: Hey, das ist das Wirkliche, das Echte. Und das zieht sich halt wirklich durch alles durch, und tatsächlich auch schon seit Anfang an. Das ist
sicher schon mindestens 12 Jahre alt oder so. Aber es funktioniert für uns gut und ist halt auch wirklich Teil unserer DNA. Und die anderen – wie ist dein Blick auf den Markt? Ich bin ja mittlerweile relativ lange begeistert von der Energiewende, verfolge sie seit 2004 und dementsprechend auch die Entwicklungen. Man muss ehrlichweise sagen, dass die meisten traditionellen Energieversorger sich anfangs eigentlich gegen die Energiewende gestellt haben. Zumindest ist das meine Wahrnehmung, dass die 5 % der Erneuerbaren schon als so unmöglich gesehen worden sind
von den traditionellen Playern. Und dann irgendwann kam in meiner Wahrnehmung auch die Zusage der Großen, und plötzlich waren alle grün. Und wie schaust du darauf, wenn du sagst, ihr seid wirklich grün – im Vergleich zu den vielleicht traditionelleren Playern? Wie würdest du sagen, dass die nicht wirklich grün sind? Das ist so – du kannst auch zu McDonald's gehen und einen Salat essen. Das ist eigentlich die kurze Antwort darauf. Nicht wirklich grün ist, wenn ich nach wie vor
auch fossile Energie in meinem Portfolio habe, weil es braucht es nicht. Es macht vielleicht das eine oder andere leichter, das ist richtig. Aber wenn ich es wirklich ernst meine, dann verkaufe ich halt auch keine fossile Energie mehr. Und das beispielsweise – wirklich heißt auch, wenn ich jetzt Ökostrom anbiete, dass ich mit jeder Kilowattstunde, die du von mir beziehst, auch erneuerbare Anlagen fördere, wo die Kunden wissen: Hey, ich ändere auch was am Markt. Wenn ich jetzt bei Polarstern Strom beziehe, dann
ändere ich etwas an diesem gesamten Strommix, weil die bauen neue Anlagen. Die garantieren mir das. Die verteilen nicht nur um. Also solche Sachen – und bei Polarstern: Mit jedem Kunden bauen wir ja auch Mikrobiogasanlagen in Kambodscha und PV-Anlagen in Madagaskar. Das heißt, das ist Energiewende weltweit. Wir bringen die Energiewende bei uns, wir bauen hier zusätzliche Kapazitäten, wir bauen sie aber auch weltweit. Und genau das ist halt ein Unterschied zu: Ich kaufe mir irgendwo Ökostrom von irgendeinem Versorger oder Discounter, der mal da ist
und mal nicht da ist und der einfach nur irgendwo billige Zertifikate kauft, aber ansonsten nichts an der Gesamterzeugung, an dem gesamten Strommix ändert. Wie ist dein Blickwinkel auf die Zertifikate? Da gibt es ja auch billige und gute. Kannst du vielleicht auch die Zuhörerschaft, die sicherlich von Zertifikaten mal gehört hat, aber vielleicht nicht so gut durchblickt wie du, mal abholen? Also grundsätzlich muss man sagen: Zertifikate, auch Herkunftsnachweise genannt – das ist dasselbe –, sind extrem sinnvoll. Ein Zertifikat an
sich ist nichts Schlechtes. Das Thema ist: Was macht man denn damit? Und wo kommt es denn her? Wie wurde es erzeugt? Und das ist natürlich erst mal für die Kundschaft auf den ersten Blick schwierig zu
differenzieren oder zu verstehen. Was ist denn gut, was ist schlecht? Ganz einfach: Ein Zertifikat ist quasi eine Nachweisführung, schlussendlich um zu zeigen: Hey, wo kommt denn der Strom her, aus welcher Anlage kommt er? Wenn es ein gutes Zertifikat ist, weiß ich genau, aus welcher Anlage der Strom kommt. Dann kann dir der Versorger auch sagen: Hey, pass mal auf, wir beziehen beispielsweise die Wasserkraft hier vom Kraftwerk Wasserburg am Inn – so wäre es bei uns der Fall. Kann ich dir nachweisen. Kann ich
dir zeigen, wenn du irgendein, irgendeinen Schrott kaufst, dann ist es nicht so leicht nachzuweisen. Dann wissen es die Versorger auch teilweise gar nicht. Also, das ist so der erste Punkt. Und wenn man noch ein bisschen sicherer sein möchte, dann schaut man halt: Hey, ist das Unternehmen zertifiziert? Also beispielsweise beim Grüner-Strom-Label. Interessant. Und wie ist deine Vision? Also, wir sind ja jetzt in Deutschland bei 60 % erneuerbare. Wie schaffen wir es, auf 100 % zu kommen? Und hast du da Vorstellungen, wie wir da hinkommen?
Ach, weißt du. Wir führen immer diese Diskussionen. Und es war auch das, was du vorhin gefragt hast mit den Energieversorgern. Die weigern sich. Wir führen immer Diskussionen: Ist das möglich oder ist was nicht möglich? Fakt ist: Wir haben alles, was wir brauchen. Wir haben die Technologien. Wir wissen, wie es geht. Ja, auch eine 100 % erneuerbare Welt ist möglich. Auch wenn es andere sagen, das sei nicht der Fall. Ja, wir müssen etwas ändern. Der Mensch steckt immer so viel in die Bewahrung des Bestehenden,
und irgendwie darum, sich ja nicht verändern zu müssen. Wir sind so veränderungsresistent. Das ist furchtbar. Und ja, bis wir irgendwelche neuen Technologien, Innovationen oder so adaptieren – furchtbar. Aber es ist ein anderes Thema. Fakt ist: Wir haben alles, was wir brauchen. Wir müssen nur wollen. Ja. Das Energiesystem wird nicht das Gleiche sein. Wir werden nicht große Anlagen haben, die einfach produzieren, ins Netz reinschieben und fertig. Nee, wir werden Zeiten haben – das weiß man ja –, wo wir viel zu viel Strom
produzieren, und Zeiten, wo wir Strom brauchen, weil wir wenig produzieren – nämlich konkret bei der Solaranlage: Wenn die Sonne scheint, produzieren sie. Wenn die Sonne nicht scheint, gibt es keinen Strom. Das heißt, das gesamte System muss flexibler werden. Und das kostet auch Geld. Also muss man sich auch wirklich in den Spiegel schauen und sagen: Ja, wir müssen hier Geld in die Hand nehmen, um unser Energiesystem zu ändern. Aber was? Und da hört die Diskussion auf. Aber die Diskussion muss in
meinen Augen viel weiter gehen. Die muss nämlich heißen: Was haben wir denn dann davon? Wir reden immer nur darüber, was der Scheiß kostet, aber nicht: Was haben wir davon? Furchtbar, egal, wer es ist. Und das nervt. Und wenn ich da noch Punkte machen darf: Was haben wir als Gesellschaft davon? Wir reden hier drum. Wir haben erst mal saubere Energie. Nicht so schlecht, wenn man vielleicht Kinder haben möchte und die vielleicht auch noch mal Enkel haben wollen. Und wenn einem der Planet
so ein bisschen am Herzen liegt. Aber es mag ja sein, dass es den Leuten vielleicht nicht so am Herzen liegt. Auch okay – finde ich scheiße. Aber wir haben hier freie Meinungsfreiheit. Aber der zweite Punkt ist, und ich finde, der kommt viel zu kurz: Wir werden strategisch unabhängiger. Wo kaufen wir denn aktuell unseren Stoff ein? Den fossilen Stoff, der kommt aus dem Ausland. Der kommt meistens aus Ländern, die eher autoritär regiert werden. Das sind Milliarden, die kontinuierlich für Konsum ins Ausland wandern. Und was
wir jetzt tun müssen: Wir müssen die Milliarden in die Hand nehmen, um sie nicht für Konsum, sondern in Investitionen einzusetzen. Und zwar hier bei uns. Investitionen. Wir werden unabhängiger vom Ausland, strategisch unabhängiger. Wir sparen uns in the long run – als Unternehmer schaust du nicht nur, was dich etwas kurzfristig kostet, sondern insgesamt schaust du drauf. Das heißt, wir werden ein Energiesystem haben, das schlussendlich günstiger ist als jetzt. Aber dafür müssen wir erst mal Geld in die Hand. Schlussendlich haben wir ein sauberes
System, das unabhängiger ist. Wir sind strategisch viel stabiler aufgestellt und sparen uns auch noch Geld. Total sinnvoll. Und wie will Polarstern da eine Rolle spielen in diesem neuen Energiesystem, wo Flexibilitäten vor allem eine große Rolle spielen – Batterien, Nachfrageseite, die gesteuert werden sollte, vielleicht auch noch andere Sachen? Genau so, wie du es gesagt hast. Wir spielen diese Rolle schon. Wir haben Anlagen – beispielsweise betreiben wir einen Elektrolyseur in Esslingen. Und dieser Elektrolyseur produziert mit erneuerbarem Strom, also mit PV und Windkraft vor Ort, grünen Wasserstoff. Der
wird ins Gasnetz eingespeist, verdrängt dort Erdgas, und die Abwärme, die wir dort produzieren, die nutzen wir, um ein Quartier zu beheizen. Also, das ist schon mal Energiewende par excellence. Und der Elektrolyseur läuft übrigens auch – wie heute, wenn die Sonne so scheint und wir negative Strompreise haben –, dann nutzt er nämlich den Überschussstrom, um Wasserstoff zu produzieren, und das ist nichts anderes als Strom speichern. Das heißt, es ist alles möglich. Wir machen das. Und unsere Rolle ist vor allem genau das zu zeigen, dass
es möglich ist. Wir machen diesen Mieterstrom, wo wir PV-Anlagen mit Wärmepumpen, mit Batteriespeichern, mit Elektroladeinfrastruktur koppeln und betreiben und so ein Energiesystem einfach optimieren. Das ist im Kleinen – Polarstern ist, wenn man so möchte, eine Boutique. Wir sind Spezialisten. Ja, aber hey, wenn wir das können, dann können Konzerne erst recht. Ja. Wie blickst du auf diese großen Batteriespeichermengen, die jetzt beantragt worden sind für Netzanschlussleistungen von – ich glaube – über 200 GW mittlerweile? Also, wenn sie alle kommen, ist der Drops gelutscht. Dann haben wir genau
die Flexibilitäten. Ich glaube nicht, dass sie alle kommen werden, weil wir gar nicht so viel brauchen, schlussendlich. Aber es zeigt: wenn man klare Rahmenbedingungen gibt, wenn man dem Markt klare Linien gibt, dann finden wir auch Lösungen. Und deswegen schaue ich da eigentlich eher positiv drauf, grundsätzlich aus der energiewirtschaftlichen Perspektive. Sie müssen natürlich an richtigen Orten gebaut werden, aber das wird die Bundesnetzagentur schon hinkriegen, oder die Verteilnetzbetreiber schlussendlich. Aber grundsätzlich schaue ich da eher positiv drauf. Und spielt ihr
dann auch so eine Rolle? Oder wollt ihr eine Rolle spielen in diese Richtung? Batteriespeicher betreiben. Wir betreiben Batteriespeicher, aber keine Großspeicher. Wir sind eher kleinteilig unterwegs. Wir sind wirklich in den Objekten drin. Im Mieterstrom beispielsweise sind es immer Mehrparteiengebäude von 20 bis 500 Parteien, sowas. Das sind so unsere Zielgruppen. Oder in Gewerbelösungen: der Gewerbebetrieb, der eine PV-Anlage hat mit Ladeinfrastruktur und Gewerbespeicher. Das sind unsere – wir sind am Endkunden. Unsere Kernzielgruppe sind Endkunden: private, gewerbliche, industrielle Endkunden, und nicht der Heimbereich.
Im Heimbereich sind wir mit Tarifen, aber nicht mit Infrastruktur. Heimbereich heißt für mich das Einfamilienhaus, wo sich sehr viele drauf stürzen. Wir sind eher im Komplizierteren. In diesen Mehrparteiengebäuden sind Messkonzepte komplizierter. Das ist unser Home Turf. Da sind wir gut. Immobilienbestand, Neubau von Immobilien, Gewerbeimmobilien – das ist so unser Home Turf. Und da haben wir auch Solarsysteme, Batteriespeicher – all diese Systeme kombinieren wir für diese Zielgruppen. Korrekt. Wärmepumpen, Blockheizkraftwerke. Technologisch können wir da tatsächlich alles –
alles Gängige. Ja, verstehe. Und dynamische Stromtarife kommen ja auch immer mehr. Ab dem 1. dieses Jahres waren sie ja auch eigentlich verpflichtend für Deutschland. Es kommt ja aus der EU – das Clean Energy Package hat das ja auch definiert. Und es ist ja auch ganz sinnvoll, dass der Endverbraucher dann auch etwas hat, wenn die Stromkosten günstig sind in der Viertelstunde. Wenn es günstig ist, gibt es viel Grünstrom. Wie schaust du auf das Thema? Auch sehr positiv. Wir haben
natürlich auch dynamische Tarife schon letztes Jahr im Angebot gehabt, auch mit Smart Meter und ohne Smart Meter, so dass wirklich jeder seinen dynamischen Tarif haben kann. Ich finde es durchaus positiv. Die Leute müssen es halt auch verstehen – und das ist tatsächlich die größte Herausforderung. Technologisch ist es gelöst. Aber dieses Verständnis: "Hey, ich kann jetzt meine Waschmaschine anmachen, da ist der Strom günstiger" – und das möglichst leicht machen, das ist wichtig. Und dass du auch dran bleibst. Ich hab
natürlich einen dynamischen Stromtarif bei mir zu Hause. Und selbst ich stell es bei mir fest: Am Anfang total fancy, schaust die ganze Zeit rein. Und irgendwann verlierst du es. Energie ist halt eine Commodity, low interest sozusagen. Die Faszination nimmt dann mit der Zeit schon auch ab. Und da musst du halt dran bleiben und die Leute immer wieder auch motivieren. Und spielt KI eine Rolle bei euch schon? Das ist ja in aller Munde, spätestens seit ChatGPT.
Die kurze Antwort ist: Ja, sie spielt eine Rolle. Wir nutzen sie intern und extern. Tatsächlich haben wir eigene Chatbots, um unser Wissen zu kodifizieren und unser gesamtes Team zu supporten. Aber es gibt natürlich auch noch Ausbaumöglichkeiten. Wir versuchen es so zu nutzen, dass wir die Vorteile – nämlich den einfachen Wissenszugang und eine Personalisierung – nutzen, um unsere Arbeit leichter zu machen, um dann noch mehr Zeit wirklich in
der Mensch-zu-Mensch-Personalisierung an Kunden zu haben. Gibt total Sinn. Und du hattest anfangs erwähnt, dass Polarstern ein deutsches Wort ist. Heißt das, dass ihr euch auf den deutschsprachigen Raum beschränken wollt, oder wie kann man das verstehen? Und habt ihr Internationalisierungsziele? Tatsächlich haben wir bei der Gründung da wahrscheinlich einen strategischen Fehler gemacht, weil wir nach wie vor den Fokus auf den deutschen Markt haben. Vielleicht würde eine DACH-Region funktionieren – Deutschland, Österreich, Schweiz – und
haben aktuell keine Pläne, international zu expandieren. Wir arbeiten ja schon international, indem wir mit unseren Partnern Mikrobiogasanlagen in Kambodscha bauen oder in Madagaskar die Solar-Impact-Sites mit den PV-Anlagen, wo wir Microgrids bauen. Das machen wir. Aber das ist kein Kerngeschäft von uns. Warum nicht? Der deutsche Energiemarkt ist sehr – wenn du wirklich als Versorger auftrittst und nicht als Softwareanbieter oder so – der ist nach wie vor selbst in der EU sehr fragmentiert. Von einem Land
zum anderen hast du andere Regularien etc. Der deutsche Energiemarkt ist einfach noch groß genug für uns, um hier erst mal Fuß zu fassen. Es gibt ja so Player in der Energiebranche, die sehr groß geworden sind und schnell skalieren, gerade in verschiedenen Ländern, so wie Octopus Energy. Es gibt ja nicht so viele innovative Energieversorger-Start-ups in Deutschland. Hättet ihr nicht die Ambition, auch mal schneller zu skalieren? Wie kann man sich auch deine Gründerstory vorstellen, was die
Was die Finanzierung angeht: Im Start-up-Bereich gibt's ja die VCs. Und wie habt ihr euch denn bisher finanziert? Ich glaube, das ist der wesentliche Unterschied. Es gibt so richtige Exit-Bam-Bam-Bam-Phasen. Ähm, da gehören – das, was du sagtest, gehört auch dazu. Aber das ist nicht unser Ansatz. Mein Ansatz – also unser Ansatz – ist wirklich frei zu sein, unabhängig zu sein und auch das zu tun, was wir für sinnvoll erachten. Und ihr seid auch unabhängig. Wir sind unabhängig. Ich bin zusammen mit meiner Frau
Mehrheitsgesellschafter. Wir haben es gemeinsam auch mit aufgebaut, also nicht ich alleine. Interessant, mit deiner Frau. Ja, interessant. Und sie tritt nicht so in die Öffentlichkeit, nicht so gerne. Aber da steckt genauso viel Herzblut und Know-how von ihr mit drin wie von mir. Aber nee, wir wollten tatsächlich – wir haben uns bewusst am Anfang für den Bootstrap-Case entschieden, kein VC-Geld reinzuholen. Wir hatten die Angebote auf dem Tisch, sondern wirklich so unser Ding zu machen.
Und dafür sind wir ein bisschen langsamer gewachsen und machen nicht dieses Bam-Bam-Bam. Aber der Impact kann ja genauso gut sein. Man muss nicht sagen: Ich hab das größte Stück vom Kuchen. Ich zeige erst mal, dass es überhaupt ein schönes Stück ist, das schmackhaft ist. Und das ist so unsere Rolle, richtungsweisend zu sein, zu zeigen: Hey, das geht. Und wenn dann andere folgen, ist es super. Ja, ich finde auch IKEA hat mich in dem Sinne neulich auch sehr inspiriert. Da hatte ich ein
bisschen "Acquired" gehört. Vielleicht kennst du die Podcast-Serie – die ist auch sehr gut zum Thema Gründer sein. Und da hatten die auch die IKEA-Story runtergebrochen. Und der war auch ohne Fremdfinanzierung – tatsächlich, ich glaube, war wirklich nur Fremdkapital ein sehr geringer Betrag, den er mal von der Bank bekommen hat – und dann hat er skaliert bis zu dem, was IKEA jetzt ist. Natürlich hat es Zeit gebraucht, aber es geht auf jeden Fall auch, Unternehmen aufzubauen, ohne dass man Boom-
Bam-Bam, wie du sagst, macht. Kurz dazu, weil ich persönlich tatsächlich auch mal überlegt hatte, mit meiner Partnerin was zusammen zu machen – es gibt ja einige Stories, wo man das macht. Wie schaust du darauf? Vielleicht hast du auch Tipps für diejenigen, die das gerade überlegen, wie das gelingen kann und wie man zusätzliche Schwierigkeiten meistern kann – sozusagen diese gemeinsame Gründung. Ja, ich glaube, es gibt nicht die Pauschalantwort darauf. Wenn du jetzt zu
den Leuten fragst, würden manche sagen: Nee, geht gar nicht. Weil wir alle mit unseren Vorurteilen so reingehen. Ich finde, es ist mega. Ich finde es wirklich klasse, mit allen Schwierigkeiten. Aber ich finde, die Vorteile überwiegen echt total. Erst mal dieses gemeinsame Verständnis zu haben – einen Partner oder eine Partnerin zu Hause zu haben, mit dem oder der du dich auf Augenhöhe austauschen kannst. Das ist einfach total bereichernd. Mir macht es auch Bock zu zeigen, dass es – dieses Hey, das hat auch was
mit Gleichberechtigung zu tun – dass es überhaupt funktioniert. Meine Frau ist ein absolut toller Sparringspartner. Ich glaube, gegenseitig können wir da sehr gut sprechen. Und es gibt ja viele Erfolgsbeispiele. Ich meine, Jeff Bezos hat auch jahrzehntelang mit seiner Frau Amazon aufgebaut. Dass er jetzt geschieden ist, muss nicht unbedingt der Grund sein. Aber der Laden steht schlussendlich ganz gut da. Es gibt viel mehr positive Beispiele, als man auf den ersten Blick denkt. Natürlich muss man dann schauen – ich meine,
wir haben auch Kinder –, dass wir zu Hause nicht nur über die Firma reden. Und dass man eine klare Linie hat – beziehungsweise kriegst du die nie ganz rein –, aber trotzdem genug Selbstreflexion hat, um dann auch mal wieder Abstand hinzubekommen. Deswegen würde ich sagen: Es funktioniert. Seid offen und ehrlich, das muss wirklich auf Augenhöhe sein. Und dann finde ich, ist es extrem bereichernd. Und nochmal zur Gründergeschichte bisher: Was würdest du sagen, waren so die Meilensteine in der
Firma – Lowlights wie Highlights? Ach Gott, das ist immer... Ein Highlight ist natürlich überhaupt anzufangen. Für mich war immer ein Highlight – oder ein Ziel – dann mal Breakeven zu sein. Ich war ja noch keine Ahnung, 45 Jahre oder so um den Dreh rum. Das erste Mal Breakeven – das ist so geil. Ja, aber das ist ein Punkt: Am Anfang ist die Zeit immer dein größter Feind. Wenn etwas länger dauert – boah, ist es gleich so nach dem Motto, gefühlt existenzbedrohend. Und das ist doch furchtbar.
Ja, weil – sorry – nichts ist planbar. Oder: kein Plan ist garantiert, sagen wir es mal so. Planbar ist alles. Das heißt, Dinge dauern immer länger, und man ist immer viel zu optimistisch – das müssen wir als Gründer sein, wir müssen einen gewissen Optimismus haben, sonst machst du es ja gar nicht erst. Aber das heißt, die Dinge dauern länger. Und wenn das erstmal kein total großes Problem mehr ist, weil es trotzdem funktioniert – dann dauert es länger, aber es funktioniert trotzdem. Das fand ich
– das finde ich – dieses Breakeven-Ding, das fühlt sich echt gut an. Das hat mir echt viel Stress rausgenommen. Und dann hatten wir mal – wir hatten einen Investor am Anfang, einen strategischen Investor, keinen VC, aus der erneuerbaren Projektierung. Und das hat einfach nicht gepasst. Er hat dann seine Einlage nicht gebracht, und wir haben uns dann – wir waren echt kurz vor dem, ja, wir waren eigentlich mit dem Hintern mehr als über dem Abgrund. Und dann haben wir schlussendlich gesagt: Hey,
Pass mal auf: Wenn wir es schaffen, in zwei Monaten jemanden zu finden, der dich auszahlt, dann bekommen wir deine Anteile so zu dem, wie du eingestiegen bist. Und wenn nicht, bekommst du unsere. Und ja, weil es einfach nicht mehr ging. Das war so eine Patt-Situation. Das ist uns dann gelungen, offensichtlich. Und das war zum Beispiel so ein Lowlight. Ja, gibt's den. Ja, kann ich mir gut vorstellen. Und zum Thema E-Mobilität – Smart Charge heißt ja auch der Podcast. Wie schaust du drauf?
Und insbesondere auch im Gewerbekontext: Wie spielt da Polarstern eine Rolle, aber wie ist da allgemein das Thema E-Mobilität? Also ich bin persönlich total überzeugt von der E-Mobilität, weil es einfach ein ganz tolles Fahren ist. Es ist ein dynamisches und gleichzeitig ein ruhiges Fahren. Jeder, der noch kein E-Auto gefahren ist, soll es einfach mal ausprobieren. Und dann ist es tatsächlich auch eine sehr zukunftsträchtige Technologie – gar nicht jetzt nur ökologisch. Aber ich glaube, der Drops ist gelutscht. Das
weiß man. Der eine sagt, er glaubt es oder glaubt es nicht. Aber auch die Batterie als Technologie ist ja bei weitem noch nicht fertig entwickelt. Der Verbrenner ist so fertig entwickelt – es sind Nuancen, wo wir noch Innovationssprünge machen können. Bei Batterien haben wir noch viele. Es fängt natürlich mit den Inhaltsstoffen an, die teilweise noch kritisch sind. Aber es gibt jetzt schon Technologien, die eben auch Batterien oder eine Zellchemie haben, wo halt kein oder kaum Kobalt mehr drin ist, und so weiter. Also keine kritischen
kritischen Inhaltsstoffe mehr. Batterien können recycelt werden – sie werden nicht einfach verbrannt. Batterien sind, was die gesamte Leistungsdichte, die Widerstandsfähigkeit, Kathode, Anode betrifft, noch lange nicht fertig entwickelt. Wir fangen gerade erst an. Und wenn man überlegt, wie auch die Entwicklungsschübe in den letzten Jahren exponentiell waren: 1.000 Kilometer Reichweite wäre jetzt auch kein Thema mehr. Es ist noch ein bisschen teuer, aber die Batterien werden günstiger. Also all die Nachteile, die gerne so vorgebracht
werden – wo werden sie gebaut, die Reichweite reicht nicht, im Winter können sie nichts – da ist noch nicht in allem das fertige, wirklich serienreife Riesenprodukt am Markt. Aber es ist überall schon absehbar. Und wir haben halt leider so ein bisschen den technologischen Zug verschlafen. Wenn du schaust, was BYD, CATL oder so in China machen, was sie jetzt für Batterien vorgestellt haben – du wirst das sicher verfolgen. Das ist krass. Und das sind keine Pilotserien, das sind
richtige Massenserien. Und das sind Batterien, die haben 800, 1.000 Kilometer Reichweite, absolute Widerstandskraft. Das ist schon krass. Ja, total. Und Polarstern noch mal ergänzend: Entschuldigung, ich war jetzt so bei der Technologie. Ich will damit eigentlich nur sagen: Es setzt sich durch. Vielleicht dauert es ein bisschen länger, weil die Widerstandskräfte größer sind, als man denkt. Aber schlussendlich setzt es sich nicht aus dem ideologischen Kontext durch, sondern aus dem technologischen. Das ist in meinen Augen meine Überzeugung. Und deswegen gehen wir auch in
den Mobilitätsmarkt. Wir betreiben – wir sind CPO, Chargepoint Operator. Das heißt, wir betreiben Ladeinfrastruktur in Mehrparteiengebäuden, Tiefgaragen, aber auch in gewerblichen Flotten. Wir waren die ersten, die variable Tarife auch für Elektroautos mit angeboten haben. Wir sind nicht so bekannt, aber recht gut aufgestellt in der gesamten Ladeinfrastruktur, vor allem nicht-öffentlich. Ladepunktbetreiber – wir machen aber auch öffentlich. Sieht man euch irgendwo? In welchen Städten kann man euch sehen? Ja,
das sind tatsächlich zum Beispiel in Berlin. Aber wir sind nicht an den kommunalen Ladepunkten – das machen meistens die Versorger. Auch hier in München haben die Stadtwerke noch ein Monopol; da haben wir jetzt auch bei einer Ausschreibung mitgemacht. Aber die öffentlichen Ladepunkte sind auf privatem Gelände, aber öffentlich zugänglich – bei Firmen beispielsweise, so halb-öffentlich quasi. Ja, genau. Interessant. Und wie schaust du auf das Thema Stadtwerke? Wir sind in Deutschland ja noch bekannt dafür, dass wir so
viele Verteilnetze haben, die von den Stadtwerken gemanagt werden, und die Stadtwerke dann auch im Wettbewerb zu euch stehen. Die Leute scheinen den Stadtwerken sehr treu zu sein, wobei sie auch den Ruf haben, nicht die innovativsten zu sein. Wie kommt das? Und wird sich das ändern? Auch da kannst du nicht über einen Kamm scheren. Es gibt total innovative Stadtwerke, und es gibt welche, die sind total langsam. Und es hat auch gar nichts mit der Größe zu tun, sondern irgendwie mit der
Firmenkultur. Ich finde, das Stadtwerk ist eine wirklich gute Geschichte – tatsächlich auch, wo das herkommt –, weil es auch die Möglichkeit hat, in kommunaler Hand idealerweise zu sein. Und ich glaube, die Stadtwerke werden weiter ihre Daseinsberechtigung haben, weil sie sehr glaubwürdig sind, der Kundschaft sehr nahbar, sehr treu, sehr greifbar. Deswegen bin ich ein kleiner, geheimer Fan von innovativen Stadtwerken. Nicht von den Selbst-Pusern – das ergibt Sinn. Und nochmal zurück zur E-Mobilität: Wie schaust
du auf das Thema intelligentes Laden und insbesondere dann auch bidirektionales Laden mit höchster Vorfreude und Spannung. Ich glaube, es wird ein absoluter Game Changer werden im Gesamtmarkt, aber auch für uns, wenn es wirklich mal jetzt zugelassen wird. Stell dir vor, ich bin im Mehrparteiengebäude. Ich betreibe dort eine PV-Anlage. Ich betreibe andere Abnehmer, also eine Wärmepumpe. Ich habe Kunden im ganzen Gebäude und vielleicht Ladeinfrastruktur da unten drin und kann diese Batterien – das ist ja dann wirklich eine große Batterie – wenn
da 10 Autos stehen, hast du gleich eine MW, oder was weiß ich, bei 15 auf jeden Fall eine MW dastehen. Und die könnte ich nutzen, um die Gebäudeversorgung zu optimieren. Das wäre natürlich genial. Technologisch ist es möglich, regulatorisch jetzt noch nicht. Aber ich bin guter Dinge. In Frankreich ist es schon möglich, dass auch wir uns öffnen. Und da schaue ich mit. Ich glaube, das wird ein Riesending werden für den Energiemarkt. Ja, und das Thema – also, es gibt ja innerhalb dessen, sagen wir mal, was man
intelligent laden sieht, da gibt es ja verschiedenste Aspekte. Und einige sind ja schon heute darstellbar, bedingt, wenn man einen Smart Meter hätte oder halt wenn der Zähler auch passt. Also nur dieses nicht bidirektionale, sondern nur in eine Richtung sozusagen, einfach die Last verschieben – ist das ein Thema schon für euch heute? Ja, das machen wir auch schon, tatsächlich. Aber nicht beim Laden. Sondern wir machen es beispielsweise bei Wärmepumpen. Da hast du ja auch gewisse Freiheitsgrade, gewisse Flexibilitäten, wann jetzt der Pufferspeicher
gefüllt wird beispielsweise. Und insofern ja, für uns ist es ein Thema, und wir beschäftigen uns damit. Und ich freue mich, wenn es in der Breite halt auch noch mehr möglich ist. Es gibt zum Thema Deutschland versus die Welt, oder ein bisschen internationale Vergleiche: Deutschland wird von außen her gesehen von vielen bewundert und von vielen auch kritisiert für die Energiewende und wie sie passiert. Du steckst ja mittendrin schon seit längerem. Wie schaust du auf das Thema, wie Deutschland die Energiewende angeht, und im
Vergleich insbesondere international? Die Energiewende ist wie so vieles, was wir in Deutschland erfunden haben, absolut bahnbrechend, wahrscheinlich technologisch oder auch so weltverändernd.
Aber wir haben es verpennt, auch wirklich was draus zu machen. Wir haben irgendwie so unseren eigenen Erfolg in meinen Augen ein bisschen abgewürgt. Es hat ja nicht nur Vorteile. Es kostet Geld, wir müssen die Systeme umbauen, und wir können nicht so weitermachen wie bisher. Das ist alles richtig. Aber wir haben es tatsächlich geschafft, diese negative Konnotation mitzubringen, nur das Schwere und Negative zu sehen. Und auch den technologischen Vorsprung, den wir hatten – sei es bei Speichern, früher sei es
bei Solarmodulen –, zu verspielen. Elektroautos: BMW mit dem i war mit den ersten dabei und ist heute nach wie vor nicht schlecht. Aber uns wurde der Rang abgelaufen. Deswegen – die Energiewende, glaube ich, ist weltweit ein Exportschlager. Nicht eins zu eins als Blaupause, aber als Idee, als Inspiration und als Art und Weise, etwas umzusetzen. Das sieht man ja schon weltweit. Und da hätten wir halt auch eine riesige Chance gehabt, auch unsere zweite Automobilindustrie mit aufzubauen, und haben sie ein bisschen verpennt, mal wieder. Und es gibt ja
einige Gründe in Deutschland, davon bist du einer. Und auch in der Energiebranche gibt's noch mal ein bisschen weniger. Du hast auch vorhin ein bisschen angedeutet, Deutschland könnte ein bisschen innovativer sein. Was wäre – was bringt dir jeden Tag Mut? Und was, wenn du sagst, du musst kämpfen gegen dieses Streben, den Status quo zu erhalten und sich nicht für Neues so zu öffnen, wie vielleicht andere Kulturen? Ich würde auch so sehen, dass es manche Kulturen gibt, die ein bisschen offener sind. Was gibt dir Mut
jeden Tag dann aufzustehen? Und was macht dich optimistisch, dass wir in Deutschland im Pfad der Innovation wieder gewinnen? Wir sind – ich habe auch echt lange Jahre im Ausland gelebt. Und was uns bremst, das macht uns auch wiederum stark. Wir sind irgendwo kritische Geister, aber wir denken auch gerne mit. Teilweise halt dann wieder zu kritisch. Und dann sehen wir natürlich die Probleme, die sein
könnten. Aber das hat ja auch eine große Stärke. Und deswegen glaube ich, wir haben alle Möglichkeiten – sei es finanziell, sei es von der Wirtschaft aus, Bildung nach wie vor. Wir haben auch nach wie vor eine tolle Gemeinschaft in Deutschland, auch ein vernünftiges soziales Miteinander. Ich glaube, deswegen haben wir alle Möglichkeiten, auch wenn es sein muss, uns selbst am Schopf aus dem Sumpf zu ziehen. Wir brauchen halt nur so ein bisschen einen Arschtritt. Und ich hoffe halt, dass wir
den bekommen, bevor wir mit der Nase Vollgas gegen die Wand fahren müssen, sondern vielleicht davor die Abbiegung kriegen. Ich glaube, darüber sprechen wir hier schon – echt vieles wirklich gut. Und deswegen glaube ich total, dass wir es schaffen. Und wenn wir da jetzt eine Chance liegen lassen, ja, dann werden wir uns die nächste kreieren und hoffentlich das Ding auch mal versenken. Ja. Und wenn du dir so die nächsten fünf bis zehn Jahre anguckst – was sind so Trends und
Sachen, die dich beschäftigen, wo du denkst: Boah, das könnte jetzt auch noch ein Gamechanger sein? Du hast nur eins genannt mit bidirektionalem Laden. Aber vielleicht gibt's auch andere Sachen, die dich irgendwie umtreiben – am Energiemarkt, sei es Energie, aber auch vielleicht andere Querschnittstechnologien, die kommen, wie KI oder so. Ja gut, aber das ja. Also, da wäre ich.
Ich bin da auch nicht schlauer, ich koch auch nur mit Wasser. Deswegen: Nein, ich habe nicht die Secret Sauce irgendwo liegen und hab daheim nicht investiert. Überhaupt nicht. Aber es wird garantiert – bei KI bin ich 1000 % überzeugt, dass es unsere gesamte Arbeitswelt, nicht nur den Energiemarkt, komplett auf den Kopf stellen wird. Ich bin ein Typ, der da auch ins Positive glaubt. Ich glaube, es hat riesige Chancen. Und natürlich: Alles, was mächtig ist wie eine Medizin, kann extrem viel heilen.
Aber zu viel davon oder falsch angesetzt, ist es auch extrem schädlich. Und so ist es natürlich auch bei KI. Das heißt, wir brauchen eine vernünftige Regulatorik. Was heißt das? Ich weiß nicht genau, was es heißt. Ich kann nur sagen: genug Freiraum, um Innovationen zuzulassen und sie auch wirklich nutzen zu dürfen. Und dazu genug klare Linien – wahrscheinlich so hart in den Grundwerten, ein paar harte Leitplanken, und aber dann zwischendrin viel Freiheit. Das ist, glaube ich, extrem innovationsfördernd. Und ich glaube, das ist
das Größte überhaupt. Das wird sich durchziehen durch alles. Und siehst du dich in der Zukunft noch länger in der Energiebranche und auch mit Polarstern? Hast du da noch vieles vor? Oder hast du da auch irgendwann mal für dich ermittelt, dass es irgendwas anderes sein könnte? Keine Ahnung. Ich glaube schon, dass ich – nee, ich habe keine Exit-Gedanken oder so. Ich habe Bock. Mir macht mein Ding Spaß. Ich gehe mit Freude dran. Und du fragtest: Was braucht es? Was gibt dir Hoffnung? Ich
glaube, du brauchst ein intrinsisches Feuer. Und ich sehe nicht, dass es irgendwie nachlässt – eher im Gegenteil. Und deswegen glaube ich, werde ich noch länger da sein. Super. Und für Gründer, insbesondere die auch vielleicht in einer schwierigen Phase sind, oder die jetzt überlegen: Jetzt könnte ich gründen, oder sollte ich gründen? Was wären denn so deine Tipps, wie man mit schwierigen Phasen umgeht oder ob man gründen sollte? Vielleicht hast du da ein paar ermutigende Gedanken. Ich finde, man soll das machen, auf
was man wirklich Lust hat. Und das dann auch wirklich mit vollem Herzen und vollem Hirn angehen. Und ob das Gründen ist – wenn es Gründen ist, ja, dann soll man es versuchen. Hey, was kann schon passieren? Dann klappt's nicht – so what? Dann kann man immer noch was. Kann man ein zweites, drittes Mal vielleicht versuchen und dann auch was anderes machen. Schieb es aber nicht zu lange raus, sondern probier es aus. Und hab irgendwo eine gesunde Portion Naivität und Optimismus. Aber mach
dir auch nichts vor. Ja, ich finde, Wollen und Können muss schon zusammenkommen. Nur wollen reicht halt nicht. Und nur können auch nicht. Es braucht das innere Feuer. Es braucht die Überzeugung dazu. Und es klappt nie von Anfang an direkt – die direkte Linie, der Hockeystick, dem ist halt nicht so. Das heißt, du musst dein eigenes Feuer haben, weil von außen kriegst du es in der Regel nicht, auch um es durchzuziehen, auch durch die trockenen Phasen. Aber halt nur durchziehen und
glauben und hoffen – so bringt es halt auch nicht. Du musst deinen Job schon vernünftig können. Da sehe ich gerade auch Parallelen zu Anwendern der Energiewende, denjenigen, die die Energiewende auch umsetzen müssen in Unternehmen und im Gewerbe, mit denen ihr dann zu tun habt. Da würde man eigentlich ähnliche Aspekte sehen: können, glauben, man muss sich schon vorbereiten und hinterfragen und das gut durchrechnen. Genau so ist es. Und dann rechnet sich's auch. Du musst halt – und du musst aber auch wollen,
weil das Leben besteht halt auch aus Widerständen und nicht nur aus Rückenwind. Ja. Dann, bevor wir auseinandergehen: Hast du vielleicht letzte Worte oder auch einen Hinweis für die Zuhörer, wie sie dich am besten erreichen oder was du denen gerne mitgeben würdest? Letzte Worte – hoffentlich nicht, das wäre noch ein bisschen früh. Aber ich finde, das, was ich davor meinte: Haltung bewahren. Ja, für seine Überzeugungen einzustehen. Und im Zweifel auch gegen Widerstand –
finde ich, ist eine wichtige Eigenschaft. Und die brauchst du auch – wir reden aus der Gründungsperspektive – die brauchst du einfach dazu. Und deswegen: Versuch es einfach. Cool. Und wie kann man dich noch erreichen oder dir folgen? Bist du auf LinkedIn aktiv, oder wie soll man am besten mit euch in Kontakt bleiben? Mit Polarstern: www.polarstern-energie.de – das ist auf jeden Fall die Anlaufstation. Und ansonsten bin ich natürlich auch auf LinkedIn unter Florian Henle zu finden. Dann, Florian, in diesem Sinne: Vielen Dank
für das Gespräch. Danke dir, Claudio. Was für eine Geschichte. In unserem Gespräch mit Florian Henle haben wir nicht nur erfahren, wie Polarstern entstanden ist, sondern auch, wie viel persönliche Haltung und Klarheit in jedem Schritt steckt. Gemeinsam mit seiner Frau hat Florian nicht nur eine Familie gegründet, sondern auch ein Unternehmen, das bis heute unabhängig geblieben ist, weil sie von Anfang an ihr eigenes Ding machen wollten. Besonders inspirierend war für mich, wie Florian mit Rückschlägen umgegangen ist und es geschafft hat, profitabel zu werden, und wie innovativ sie
agieren – egal ob mit einem Elektrolyseur für grünen Wasserstoff, intelligenten Mieterstrommodellen oder CPO-Lösungen für gewerbliche Ladeinfrastruktur. Polarstern zeigt: Man kann Wirkung erzeugen, ohne Kompromisse beim Purpose zu machen. Und vielleicht ist das der wichtigste Impuls aus dieser Folge: Wenn die anderen nicht mitziehen, dann macht man's eben selbst. Wenn euch die Folge gefallen hat, abonniert Smart Charge by RiDERgy, empfehlt uns weiter und schaut bei polarstern-energie.de oder auf LinkedIn bei Florian Henle vorbei. Danke fürs Zuhören. Bis zur nächsten Folge.
Notities bij de aflevering
Was tun, wenn kein Energieversorger ein innovatives Ökogasprodukt kaufen will? Gründen. Genau das hat Florian Henle, Mitgründer und Chief Executive Officer von Polarstern, getan – gemeinsam mit seiner Frau, ganz ohne VC-Geld, dafür mit umso mehr Überzeugung. In dieser Folge sprechen wir über die bootstrapped Gründungsgeschichte von Polarstern, den bewussten Weg zur 100 % echten Nachhaltigkeit, und warum Florian überzeugt ist, dass Haltung heute wichtiger ist als kurzfristiges Wachstum. Wir reden über den Einstieg in den Wasserstoffmarkt, Polarsterns Rolle als CPO für Ladeinfrastruktur, die Herausforderungen der Energiewende – und warum Deutschland trotzdem allen Grund zur Hoffnung hat. Ein Gespräch über Energie, Verantwortung und den Mut, seinen eigenen Weg zu gehen.